Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De rede, in druk gegeven, had tot kenmerkenden titel: «Conservatisme of Orthodoxie. Valsche en ware behoudzucht». Telkens wordt er in herinnerd aan de zege, die de orthodoxie in Utrecht in de uitdrijving van het modernisme had behaald. Doch die zege legde op de Utrechtsche gemeente de duurste verantwoordelijkheid: «Nog wordt er op Utrecht gelet» —riep hij waarschuwend — «nog is Utrecht voor velen een stad op den berg gelegen. Nog altijd is de eer der geloovige richting aan Utrechts bloei en Utrechts geestelijken wasdom verpand». Daarin lag de aanleiding van zijn tekstwoord: Houdt dat gij hebt. Echter in dezen zin: «Behoudt wat ge verwierft, behoudt wat u gegeven werd. Behoudt, maar niet in den geest van een doodend conservatisme, dat, met behoudzucht tot leus, het leven versterven doet. Die valsche, ze heeft met de ware behoudzucht niets gemeen. Conservatisme en orthodoxie, hoe vaak ook verward, moeten thans vooral zeer scherp gescheiden worden». En tegenover dat conservatisme plaatste de scheidende leeraar de stelling, dat de Christus een alles omvattend en volstrekt beginsel stelt, d. w. z. dat uit Hem begint een geheel nieuw leven. En nu was, vervolgde de spreker, dusver nog slechts een zeer klein deel te voorschijn getreden van den eeuwigen levensschat, die in dat beginsel ligt. «Een deel van wat dit beginsel in zich draagt, is naar buiten gekomen, maar verreweg het grooter deel ligt er nog in». Dat de Utrechtsche theologie dit niet inzag, was en werd gaandeweg al meer zijn ernstige grief, die hem allengs op gespannen voet met haar voorstanders bracht, nadat in Amsterdam de plaats gevonden was, waar hij onbelemmerd, althans niet weerhouden door een vastgeroest conservatisme, kon arbeiden aan de ontwikkeling en de verbreiding van het Calvinisme, waarvan het nu voor hem onwrikbaar vaststond, dat het de zuiverste uitdrukking gaf van het Christendom.

In Utrecht klaagde Dr. Kuyper over «de vaak klemmende eenzaamheid, waarin hij met zijn meening stond». In Amsterdam vond hij al dadelijk een schare menschen, die hem verstonden en voor wie hij uitdrukking gaf aan wat in hen leefde.

Sluiten