Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

schepping, uit Wien alle leven en zaligheid eeuwiglijk haar toevloeit.

Hoofdstuk xv.

DE STATEN VAN CHRISTUS.

A. De Staat van Vernedering.

HppI het leven van den Christus is een werk, en staat in dienst van het ambt, waartoe Hij van den Vader was uitver-

Vnren en in de wereld gezonden.

Daarom kunnen we het leven «an Chmt.» alleen naa, d.en

naCtontre£r::\wtellidpetk,n. Eén, waarin Hij de zaligheid verwerft, verdient, door het brengen der volkomene

gehoorzaamheid aan den \ ader.

° Deze staat wordt genoemd, die der vernedering.

Eu loopt van af de menschwording tot aan de opstandin . De nadere is die der verhooging. Beginnende: met de, opstanding. In dien staat past Hij de verworvene Zaligheid ook

iïOG»

De staat der vernedering omvat o trappen:

1. Zijn nederige geboorte.

2. Zijn lijden.

3. Zijn dood.

4. Zijn begrafenis.

5. Zijn nederdaling ter helle.

lie Vernedering6 in^de'mênschwording van ChriS» ligt inzonderheTti.rin dat Hij, die. krachtens de

goddelijke en menschelijke natuur, a ' hèmeïehê

scheliike natuur had kunnen doen deelen in al de hemelscne heerlijkheid waarvoor de menschelyke natuur vatbaar is, d Hii vrij willis van die heerlijkheid afstand deed, en datgene wat

Hö Xs van nature bezat, in den weg van

'kw» HS*'tü in l gelijkheid des

zondigen vleesches.

Sluiten