Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volbracht en opstaat uit de dooden, dan is dat een afkondiging van Gods zijde, dat Hij voldoening heeft ontvangen, en niet meer toornt.

3. in de inwendige roeping; daarin toch wordt ons daadwerkelijk al het werk van den Christus toegerekend, nademaal in die inwendige roeping God ons toepast en schenkt den Christus.

4. in het moment van het geloof. Deze rechtvaardigmaking is die van welke Paulus gewoonlijk spreekt. Zij is die daad Gods, waardoor Hij, »zonder dat Hij ophoudt de Eeuwige te zijn, een werkzaamheid van zich laat uitgaan," waardoor de mensch de vrijspraak in het geloof ontvangt en geniet. In dat moment komt God n.1. den mensch subjectief (dat is van 's menschen zijde) in die verhouding tot Zich te plaatsen waarin de mensch objectief (d. i. van Gods zijde) reeds stond in Christus.

Het geloof is alzoo in die rechtvaardigmaking feitelijk niet de hand, waarmede wij de weldaad aannemen, maar het is de daad van het aannmen zelf, van het aannemen van den Christus, »gelijk Hij Zich inwendig door Zijn Geest, en uitwendig door Zijn Woord aan ons geeft."

5. Zal er nog een publieke rechtvaardigmaking plaats vinden in den dag des oordeels, als Christus de Zijnen voor aller oor en oog zal belyden te zyn gekocht door Zyn bloed.

Hoofdstuk XXI.

DE HEILIGMAKING EN VOLHARDING.

Wordt in de rechtvaardigmaking onze religieuse verhouding tot God hersteld, in de heiligmaking vindt eene vernieuwing onzer natuur plaats. In orde van zaken gaat de rechtvaardigmaking aan de heiligmaking vooraf.

Wegens onze eenheid met Christus, ons ingeplant zijn in Hem, en Zijn inwoning door den H. Geest in ons, moet de heiligmaking in meerdere of mindere mate bij ieder geloovige aanwezig zijn, 1 Cor. 1 : 30, en Rom. 6 : 5.

De heiligmaking kan worden onderscheiden in twee soorten:

Sluiten