Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

daata- en het doctoraal-examen. Aldus zou de Fac. der Vrije Univ. evenmin als de Theol. School iets van den omvang of het peil der studiën hebben in te boeten); b. de erkenning van het propaedeutisch examen van de V. U. door de Theol. School, en die van het Candidaats aan de Theol. School door de Vrije Universiteit.

't Spreekt vanzelf, dat de Kerken dan ook, evenals nu, het Candidaatsdiploma, aan de Theol. School verkregen, behooren te erkennen zoowel van hen, die hunne studiën aan de Vr. Univ. hebben voortgezet, als van degenen, die zich dadelijk na het Gandidaats-examen presenteeren aan de Classis voor het praeparatoir examen.

Zoo zou ook de weg kunnen worden gebaand tot een gemeenschappelijk gevoelen inzake de beteekenis van het Doctoraat in de Theologie aan de Vr. Un. voor de Kerken ; waartoe dan onder meer noodig ware een duidelijke vaststelling van inhoud, zin en strekking van meergenoemd art. 2 der Statuten.

Aldus zou dan ook gemakkelijk een voldoend contract tusschen de Vereeniging en de Kerken kunnen tot stand komen.

De eigen Inrichting der Kerken zou dan in waarheid bestendigd zijn: de strijd over de Opleiding beëindigd; aan den opbouw der Theol. wetenschap met kracht kunnen gearbeid, en de rust in en de invloed van de Kerken naar buiten bevorderd worden. En dat alles zonder vermeerdering van flnancieele offers.

Daarom te meer roept de Vergadering met vrijmoedigheid den Kerken toe : Behoudt in elk geval uwe Theol. School!

III. En wat voorts de derde conclusie betreft, haar aanhef luidt hierom aldus: om eens in herinnering te brengen, dat nu reeds sinds een tiental jaren wel uit de Kerken voorstellen tot verkrijging van eenheid van opleiding zijn opgekomen, doch de Vereeniging v. H. Onderw. o. Geref.

Sluiten