Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Groot is de schade, welke de nieuwe opvatting van religie en theologie aan kerk en belijdenis berokkend heeft; maar zij zelve zijn er evenmin wel bij gevaren. Al de concessies, welke zij gedaan hebben, om voor de vierschaar der wetenschap te kunnen bestaan, hebben er alleen toe bijgedragen, dat haar recht en haar waarde hoe langer hoe ernstiger werden betwist. De verachters van, de onverschilligen althans omtrent den godsdienst nemen onder alle klassen en standen der maatschappij voortdurend in aantal toe. Als dezen de religie niet openlijk bestrijden, beschouwen zij haar toch als eene „Privatsache", waarover ieder denken kan wat hij wil; wie er behoefte aan heeft, zij vrij en oefene ze naar hartelust uit. Maar voor den verstandige hebben godsdienst en godgeleerdheid afgedaan. Staat en maatschappij, wetenschap en kunst, ambacht en bedrijf hebben er geen rekening meer mede te houden. De cultuur gaat buiten allen cultus om.

Zoo komen religie en theologie in den tegenwoordigen tijd van twee zijden in het gedrang. Xoch de kerk noch de wetenschap is met den bestaanden toestand tevreden. Verschillende pogingen worden daarom beproefd, om verandering aan te brengen en aan het vraagstuk eene bevredigende oplossing te geven.

Het gemakkelijkst zijn daarbij de radicalen eraan toe. Omdat zij den godsdienst alle bestaansrecht ontzeggen en hoogstens voor eene particuliere aangelegenheid houden, stellen zij eenvoudig voor, om de theologie uit den kring der wetenschappen te verwijderen en haar in de universiteit hare zelfstandige plaats te ontnemen. Vel is waar is de godsdienst een belangrijk historisch en psychologisch verschijnsel, maar het daarnaar in te stellen onderzoek eischt geen bijzondere

Sluiten