Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

werken, voorts de pers te veroveren, om eendrachtig de Kerken te bearbeiden en te beduiden, dat een Theol. School overbodig was geworden, daar aan de Vrije Universiteit ook gelegenheid bestond om dienaren des Woords op te leiden. Sommigen deden dat wat heel hartstochtelijk, en gaven op zoo'n kerkelijk Seminarium duchtig af, roemende daarentegen de wetenschappelijke vorming aan een Universiteit. Later bekoelde dat wat, toen bij de classikale examens bleek, dat Kampen ook knappe jongelui kweekte, en Amsterdam wel eens heel wat ongelukkig was.

De beschouwing over de opleiding aan de Vrije Universiteit wijzigde langzamerhand naar omstandigheden. Vroeger heette het, dat men te Amsterdam de Theologie bestudeerde om de wetenschap zelve. Eerst in de tweede plaats kwam de opleiding ter sprake. „Wij leiden geen predikanten op," zoo schreven de heeren Directeuren indertijd aan de Deputaten voor gelijkmaking van de examina - voor de Generale Synode te Middelburg - „evenmin als wij advocaten maken. Wij beoefenen de wetenschap." Aan dat opleiden en klaarmaken deed men te Kampen. Daaiom werd ook de gedachte in den beginne uitgesproken, dat de Kamper School best dienst kon doen naast de Vrije Universiteit; als n.1. op die School de praktische vakken onderwezen werden tot klaarmaking van dienaren des Woords, ten behoeve der Kerken, nadat zij vooraf wetenschappelijk gevormd waren aan de Universiteit.

Dat idealistisch standpunt heeft men sedert verlaten, en thans wordt alleen gesproken over opleiding en eenheid van opleiding.

Vroeger werd dapper gestreden voor „de souvereinitei der wetenschap." Zij liet geen zeggenschap toe aan de Kerken. Toezien mochten zij alleen, en op de classikale examens hun best doen. Hoe zouden de geïnstitueerde Kerken zeggenschap kunnen verkrijgen over de beoefening der wetenschap, die uitsluitend mag uitgaan van „de Kerk als organisme"! De Kerken mochten de wacht zetten bij de Belijdenis en zorgen voor de ambten. Van wetenschap

Sluiten