Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moet kunnen vinden. Een rechtspraak in het Bedrijf, ook tusschen de hoofden en de ondergeschikten, altoos binnen de banden der Contracten, moet door een bij het Contract aangewezen of wederzijds geaccepteerd scheidsgerecht mogelijk zijn. En voorts moet de Vakorganisatie, die uit de gemeenschap der Bedrijven opkomt, hier het recht kunnen dienen.

In het kleiner Bedrijf moeten de Werklieden zich door hun Voorman, in grootere Bedrijven door meerdere Voormannen of Hoofdmannen, en wel in opklimmende vertegenwoordiging,, ook kunnen laten gelden bij de noodige voortgaande uitwerking, vasterwording, groei en ontwikkeling van het Arbeidscontract, en in verband daarmee van de wederzij dscheverhoudingen en rechten der onderscheiden samenwerkende functiën in het Bedrijf; meer bepaald ook bij de ontwikkeling en vaststelling der arbeidsvoorwaarden en dus ook van het arbeidsloon; maar altoos onder verband van Contract,, zoodat de souvereiniteit in het Bedrijf, ook bij erkenning van het recht van vertegenwoordiging, geëerbiedigd blijft.

Eindelijk zouden wij wenschen, dat, bij voortgaanden wasdom van het Bedrijf in vastheid en gemeenschap, de vastere werkkrachten, contractueel en door haar organen of Voormannen, onder goede en rechtmatige regelingT inspraak kregen in de Bedrijfsonderneming, wat de leiding en regeling aangaat der arbeidsgemeenschap, waarin zij hun leven geven, en waarin dus ook over hun leven, meer bepaald over hun arbeidsleven, wordt beschikt.

Maar het ideaal voor het georganiseerde Bedrijf moet nog verder grijpen en de levens- en arbeidsgemeenschap in het Bedrijf naar de eigenmatige verhoudingen der onderscheiden saamwerkende krachten en personen zoo vast mogelijk zoeken te maken. Tot vaster ontwikkeling van de organisatie der Bedrijfsgemeenschap kon b. v., naar de maat van elke kracht, ieder vaster lid in de Bedrijfsgemeenschap een bepaald deel van zijn arbeidsinkomst in handen der Bedrijfsonderneming laten; de verplichting tot zoodanige storting aan de Onderneming kan van meet af in het vastere Arbeidscontract als beginsel gelden bij alle aan-

Sluiten