Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nieuwe Courant, het tweetal overwegingen: le. dat bij benoemingen in 't algemeen het wetenschappelijk gehalte der candidaten den doorslag gaf; 2e. dat verscheidene geloovige Christenen inderdaad benoemd zijn.

Wat nu het eerste betreft zij al dadelijk opgemerkt, dat juist wie nu nog aan „wonderen", scheppingsverhaal en dergelijke vasthield, tot voor korten tijd reeds „im voraus" als „onwetenschappelijk" werd beschouwd. De vlijmende spot, waarmee Prof. Holwerda uit Leiden deze trivale opvatting geeselde in zijne voor kort verschenen brochure over Bijzonder Hooger Onderwijs, is dan ook maar al te zeer verdiend. „Ik krijg een hekel aan het woord wetenschappelijk en het gebruik, dat er in dien zin van gemaakt wordt," schreef Prof. Holwerda, en we kunnen het ons voorstellen, dat een nadenkend man als hij het voelt popelen van binnen bij zulk eene redeneering. Feit is, dat onder de traditiën der generatie van '48 het publiek ideaal was, om de natie te intellectualiseeren en dat wie op religie en op religie stoelende intelligentie en moraliteit gesteld was anders dan als private liefhebberij, uit de toongevende kringen werd uitgewezen. Kennis en nog eens kennis was het Shibbolet, en wat wonder als elk, die aan die kennis-manie niet meedeed, in het heilige van den tempel als priester niet werd toegelaten?

Want de benoeming van enkele der tegenwoordige hoogleeraren van de Vrije Universiteit, waarop de Nieuwe Courant opmerkzaam maakt, helpt haar hier als negatieve instantie niet. Vooreerst dateeren die benoemingen uit de allerlaatste jaren, toen reeds een kwart-eeuw lang tegen deze handelwijze inzake hoogleeraars-benoeming was geprotesteerd, en het dus tijd werd eens blijk van althans eenige toenadering te geven, wilde men niet al te doctrinair schijnen. En in de tweede

Sluiten