Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

welhaast de meening, dat er zoo iets zou bestaan als „neutrale" wetenschap, een overwonnen standpunt heeten. Twee voorstellingen zijn het, als ik wel zie, die thans op het terrein van het Hooger Onderwijs om den voorrang vechten. Het is vooreerst de grondgedachte van Mr. de Savornin Lohman, van de richting van Prof. Van der Vlugt, door Q. N. thans in het Handelsblad nogmaals met klem verdedigd en van de wet van '76, dat een Universiteit slechts daar is en dat slechts daar de wetenschap kan bloeien en de jongelingschap worden opgeleid tot waarlijk weten, waar mannen van de meest uiteenloopende richting, mits onbevooroordeelde en onpartijdige waarheidvorschers, naast elkaar werken en doceeren. Aan den anderen kant staat de groep van Dr. Kuyper en de zijnen, en een weldoordachte groep van katholieken, die meenen, dat de zoo pas omschreven vereischten eerst daar worden gerealiseerd, waar eenheid van levensbeginselen het gezamenlijk corps van Academische docenten vereenigt. Aan beide zijden is eerlijkheid van bedoelen, diepte van overtuiging en waarachtigheid van wetenschappelijke kennis aan geen redelijken twijfel onderhevig. Welnu, waar de partijen zóó staan, is het daar niet plicht van den Staat, voor beide opvattingen op zijn terrein gelijke voorwaarden van ontplooiing in de practijk te verschaffen?

^\at het tweede punt betreft, na wat ik boven aanvoerde, meen ik met alle bescheidenheid, vooral na de uitspraken van mannen als Kappeyne en Godefroy, dat niet meer valt te twijfelen, of wel waarlijk is voor het welslagen eener Bijzondere Universiteit als instelling van Onderwijs vereischte, dat ze beschikke over het jus promovendi cum eft'ectu civilis. Wat men kan betwisten, is dit, dat „überhaupt" zulke dingen als Bijzondere Universiteiten recht en reden van bestaan

5

Sluiten