Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maar het is slechts de werking van Zijn toorn, én de tijdelijke inbinding en inhouding daarvan, maar niet de zegenende en reddende hand eens Vaders, die in den Christus weder aanneemt wat verloren was. In Zijne neder buigende liefde en met Zijne teedere Vaderlijke omhelzingen is de Heere des hemels en der aarde na den diepen val des menschen, alleen aanwezig en alleen te vinden in Zijn Kerk. Want daar „woont" Hij en nergens anders! Want dat is Zijn huis eeuwigiijk, en daar is de plaats Zijner rust. En „op den berg Zion en te Jerusalem", aldaar „zal ontkoming zijn." (Joël 2 : 32, Obadja : 17, ook Jez. 2:2,3)

Maar, zegt mogelijk deze en gene: met dat lichaam, die vergadering of volksgemeenschap, waarvan de Heere zoo heerlijk spreekt, wordt bedoeld de onzichtbare kerk, het organisme der Kerk, maar niet het instituut der Kerk of de zichtbare kerk. Wij moeten hierop zeggen, dat de Kerk die de H. Schrift ons doet kennen, niet zonder uitwendige organisatie of instituut bestaat. Of anders gezegd: de Kerk, zooals de H. Schrift ze aan ons voorstelt, openbaart zich ook als zoodanig, openbaart zich naar buiten in het midden der volkeren en in het midden der wereld a 1 s d e Kerk, optredende in haar ambten en het aantal der bij haar ambtsdragers bekend staande leden der Kerk. Op één van die plaatsen, alwaar de Kerk door den Heere alzoo hoog verheven wordt boven welke andere menschelijke vereeniging of corporatie ook, te denken aan een onzichtbaar en verborgen lichaam, dat zich als zoodanig niet naar buiten openbaarde en bekend maakte, —• dan misschien alleen in de belijdenis en het Christelijk leven van afzonderlijke of met elkander voor een of ander Christelijk doeleinde verbonden leden, — dit is ten volle een ongerijmdheid ! Want ook onder het Oude Verbond was de Kerk, hoewel in zijn openbaring één met den staat, in zijn grenzen nauwkeurig aangewezen, en voorts voorzien met haar eigen ambten of organen. En niet minder had de Kerk later naar apostolisch bestek haar openbaring als zoodanig, met duidelijk aanwijsbare grenzen en overal haar b e p a a 1 de ambsdragers.

Met de Kerk alzoo, waarbinnen de Heere woont, met die kerk alzoo die de tempel of het huis Gods op deze anders van den waren God vervreemde wereld is, wordt niet bloot bedoeld de Kerk in haar verborgen w e z e n, en worden niet bedoeld afzon-

Sluiten