Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten bouw van het glorierijke Huis Gods voor alle, alle eeuwigheid!

Zoo blijkt hoe een natuurlijke, hoe een vanzelfsprekende zaak de „Ineensmelting" is. Want de „Ineensmelting" is het tot één Kerk maken van kerken van dezelfde belijdenis, op één en dezelfde plaats. Door de Ineensmelting wordt dus weder recht aangedaan aan de natuurlijke eenheid der ééne Kerk van dezelfde plaats, st<"d of dorp, daar waar die eenheid door een oplossing of verdeeling in twee of meer kleinere kerken of kerkjes, geweld aangedaan, en tot zekere hoogte te niet gedaan is.

Er moet evenwel nog opgemerkt worden, dat de Ineensmelting die wij onder onze Gereformeerde Kerken voorstaan, ingaat tegen een nóg droeviger, ingaat tegen een nóg schrijnender oplossing van de eenheid der Kerk van één en dezelfde plaats, stad of dorp, gelijk de H. Schrift zelf ons die een eenheid leert. Want het geldt onder ons maar niet om zulk een verdeeling der ééne plaatselijke Kerk in kerkjes te niet te doen, die haar als 't ware natuurlijke of vanzelf aangewezen grenzen vindt in bestaande wijken of deelen der burgerlijke gemeente. Neen, de kerkelijke verwarring is onder ons nog zóó groot, dat ge zelfs geenszins kunt zeggen, dat ten minste alle die Christenen van Gereformeerde belijdenis aan éénzelfde kerk of gemeente aangesloten zijn, die in éénzelfde buurt of wijk van stad of burgerlijk Gemeente bijeenwonen. Neen, zelfs die zijn nog uit elkander gescheurd en verdeeld en verwijderd van elkander, over meerdere kerken of kerkjes, als om te spotten met al hun eenheid in de b e 1 ij d e n i s der waarheid Gods zelf!

In dezelfde wijk, ja in dezelfde straat, ja somtijds in hetzelfde huis hebt gij leden van twee of zelfs van drie of meer afzonderlijke kerken, en wel van dezelfde Gereformeerde belijdenis. Dit is inderdaad een al te ver ingaan tegen het leven der Kerk, gelijk zij het in al hare leden uit Christus, haar eenig en eeuwig Hoofd, leeft, en leven moet! Want het is even alsof gij in vezelen een levend lichaam uitééuhaalt. Calvijn zegt zoo treffend en waar, dat men niet kan „twee of drie kerken verzinnen en maken zonder Christus te verscheuren, 't welk niet mogelijk is." Gelijk de uitverkorenen als aan één Hoofd hangen en vast zijn, alzoo wassen ze ook te zamen als één lichaam, zegt Calvijn. (Institutie IV, 1 : 2)

Doch hiermede rekent onze kerkelijke praktijk inderdaad op ver-

Sluiten