Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Harmsen. Zoo, nu wordt 't beter; hier hebben we dan toch verband.

Pieters. Ja, dit artikel en art. 10 zijn de beste van de „Overeenkomst". Het artikel, dat nu volgt, is weer een bijzonderheid:

Art. 9.

Doctoren in de Godgeleerdheid van de Vrije Universiteit worden bij hun praeparatoir en peremptoir examen van het eigenlijk gezegde wetenschappelijk onderzoek vrijgesteld en alleenlijk onderzocht met betrekking tot het donum concionandi (preekgave), de zuiverheid der leer en de praktische bekwaamheid.

Harmsen. 't Is erg geleerd. Begrijp jij het?

Pieters. Nu, wat al die Latijnsche benamingen betreffen, heb je gelijk. Toch is 't niet zoo moeilijk de beteekenis te vatten. Laat ik je even het een en ander zeggen.

Alle studenten, waar ze ook studeeren, moeten aan 't eind hunner studiën examens afleggen in de verschillende vakken. Zijn deze examens voldoende, dan ontvangen zij den graad, hetzij als Candidaat in de Theologie of als Doctor in de Godgeleerdheid, 't Spreekt wel van zelf, dat voor den doctorstitel meer gevraagd wordt. Hebben zij — de een als Doctor en de ander als Candidaat in de Theologie — hun graad, dan zijn zij, na het afleggen van het praeparatoir examen, voor de Kerken beroepbaar. Is nu een hunner door een der Kerken beroepen, dan wordt deze nogmaals onderzocht, en wel door de Classe, waarin de gemeente ressorteert, die beroepen heeft. Zij worden dan' nog eenmaal in alles onderzocht. En nu komt art. 9 van de „Overeenkomst" en zegt: Doctoren in de Godgeleerdheid van de V. U. worden van het eigenlijk gezegde wetenschappelijk gedeelte vrijgesteld. Waar de Candidaat in de Theologie nog eens weer in alles wordt onderzocht, wordt de Doctor in de Godgeleerdheid van het wetenschappelijk gedeelte vrijgesteld.

Harmsen. Ik zal maar niet vragen: welk verband geeft dit nu? Ik vraag alleen maar: welk nut geeft dit artikel?

Pieters. Nut geeft t niemendal. Alleen de jonge Doctoren worden met art. 9 gebaat.

Harmsen. Moest dit artikel daarom in de „Overeenkomst"?

Pieters. Ik heb je gezegd: dit artikel is een bijzonderheid. Maaier is meer. De Classen bestaan uit Dienaren des Woords en Ouderlingen, allen afgevaardigd door de verschillende Kerkeraden.

Harmsen. Nu goed; maar dezen, van wie menigeen bijna zijn ganschen leeftijd in den dienst der Kerken heeft doorgebracht, kunnen toch zeker wel oordeelen over de wetenschappelijke bekwaamheid van een jong Doctor?

Sluiten