Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zichzelven en op de leer van Christus, om haar alleen te gehoorzamen en om te vlieden en te schuwen alle leer, die afwijkt van de leer van Christus, want zij is afgoderij en leidt ons tot ons eeuwig verderf. Maar óók hoort hier de gemeente, dat men daarop niet roemen of rusten zal, dat men nu voor de Waarheid is en de leer in zijn hoofd heeft, of als men waarlijk de leer van Christus in zijn midden heeft; — zal een gezant van Christus tot Zijne behoudenis acht hebben op zichzelven en op de leer, de gemeente evenzeer. Want waar de leer van Christus weerklinkt, daar komt zij met hare prikkelen en nagelen, die zij diep inslaat, inslaat in ons hart en geweten, als onze zonde wordt bestraft, — als de bedriegelijke grond, waarop wij zoo gaarne bouwen, ons wordt blootgelegd en onze ongehoorzaamheid aangetast.

Wanneer een prediker de leer van Christus eerst aan. zichzelven predikt, en daarom ook met nadruk aan zijne gemeente, Christus zegt: »Wie u hoort, die hoort Mij« (Lucas 10: 16). Wee dan den mensch, die in zijn hart zegt: »Wie is de Heere, Wiens stem ik gehoorzamen zou?« Maar welke blijde zaligheid komt naar de apostolische belofte tot zulke hoorders, die, al hebben zij ook lang weerstaan, door Geest en Woord aan hun zonden ontdekt, zich buigen met verslagen hart en nu steeds komen met al hun zonden en wonden, met al hun nooden en ellende, met al wat hunne behoudenis bestrijdt, ja alzoo komen tot de leer van Christus met ooren, geopend door God! Daar moge de leer van Christus eene somberheid en verschrikking zijn voor den in eigen oog zoo goeden en zelfgenoegzamen mensch, — geen mensch noch menschelijke leer kan eenen armen zondaar troosten, maar hemelsche vreugde klinkt ons tegen uit de leer van Christus, als een Paulus uitroept: »Dit is een getrouw woord en alle

Sluiten