Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alleen degenen, die Hem door een oprecht geloof worden ingelijfd en al Zijne weldaden aannemen" (Heid. Cath. vr. en antw. 20).

Het komt dus op het geloof aan, waardoor wij Christus worden ingelijfd. Dat is een geschonken geloof. God geeft het. De Heilige Ceest werkt het in onze harten door het Evangelie. Het is geen werk van ons verstand, van onze kracht of wijsheid. Dies hangt het leven, de zaligheid niet af van onzen zoogenaamden vrijen wil, maar uitsluitend van Gods ontfermen. Het eeuwige leven is en blijft genadegift.

Ziet, er was een menscli, hij zocht God niet, vraagde niet naar den Heere, alhoewel hij het meende; hij woedde tegen den Heere en Zijnen Gezalfde, Zijnen Christus; vijand was hij van de genade Gods, zooals zij genade is, en van Zijne gerechtigheid. Maar de eeuwige liefde Gods stuitte hem op zijnen goddeloozen weg, en riep hem bij name, en overweldigde en vernederde en verteederde hem, maakte hem des eeuwigen levens deelachtig en stelde hem als Zijn uitverkoren vat, om Zijnen naam alom te verkondigen, en deze man, — gij denkt te recht aan den apostel Paulus, heeft getuigd: „Het is niet desgenen, die wil, noch desgenen die loopt, maar des Ontfermenden Gods". Dat had hij ervaren, en hij heeft beleden, tot prijs van 's Heeren ontferming: „Mij, den voornaamste der zondaren, is barmhartigheid geschied".

Zóó voert God, uit alle geslacht, taal, natie en volk, door Zijne almachtige en genadige hand allen uit den dood tot het leven, allen, wier namen in het boek des levens geschreven zijn.

M. H., ik weet wel: tegen deze leer van vrijmachtige, eeuwige verkiezing verzet zich de mensch, omdat hij goede gedachten van zich zeiven en kwade gedachten van God heeft; omdat hij geen genade als genade

Sluiten