Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(ook naar hun oordeel terecht) het voortbestaan van slapende gravamina, als gevaarlijk voor de zuiverheid der leer en mitsdien voor den welstand der kerken, door de Synode is afgekeurd, achten zij de Synode niet te mogen verlaten, zonder bezwaar te hebben ingebracht tegen den inhoud en de strekking van de derde zinsnede in art. 36 van de Belijdenis der kerken, als zijnde niet conform den Woorde Gods. Zij gaan hierbij uit van de h. i. onbetwistbare waarheid, dat wij, de confessie onzer vaderen belijdende, onder de woorden waarin zij beleden, niets anders verstaan mogen, dan hetgeen zij zeiven, blijkens het stellige getuigenis der geschiedenis, met het bezigen dezer woorden bedoeld hebben; en dat, aldus verstaan en opgevat, deze derde zinsnede van art. 36 onzer Belijdenis, bij oprechte en eerlijke uitlegging, o. m. aan de wereldlijke overheid den plicht oplegt, om afgoderij en valschen godsdienst des noods met het zwaard uit te roeien, en dat het aan de kerken is opgelegd, de overheid dit als haar plicht te prediken. Zulks nu in strijd met den Woorde Gods achtende, rekenen zij zich in hun conscientie verplicht, deze uitspraak niet te belijden maar te verwerpen; en stellen zij mitsdien hun verklaring desaangaande in handen der kerken, der kerken oordeel hierover inroepende, en te allen tijde bereid deze hun verklaring, op grond van de Heilige Schrift, gestand te doen.

F. L. Rutgers. P. Biesterveld.

M. Noordtzij. A. Kuyper.

D. K. wlelenga. H. bavinck.

L. Lindeboom. J. H. Donner.

Sluiten