Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

somme gelds namens de stichters vergezeld deed gaan. Luidde daarvan de eerste: „dat het hart der enkelen en voortreffelijken, die, bewust van eigen geloof en arbeid, deze Stichting met weemoed aanzien, door den Heere geneigd worde om, tellende hunne dagen, lettende op wat wacht en dreigt, en verzekerd dat deze Stichting geen inbreuk maakt op de rechtmatige waardeering hunner verdiensten, weldra hunne bede met de onze voor de Vrije Universiteit op te zenden"; — misschien is daarvan meer vervuld dan het oog mocht zien!

Maar stellig mag het hart zich er in verheugen, dat, hoeveel in dezen nog te hopen blijft, toch in niet geringe mate de tweede wensch verhooring vond: „dat door de goede hand onzes Gods deze Stichting meer en meer een middel worde tot hereeniging van alle Gereformeerden in den lande." Welke wensch bepaaldelijk op toenadering zag tusschen Gereformeerden in de Kerken toen nog onder synodale organisatie, en die in de Christelijk-Gereformeerde Kerk.

Ja, toenadering heeft de Universiteit gebracht ten bate van de eenheid des volks. Voor die eenheid toch, voor een krachtig nationaal gevoel, voor ware liefde tot het Vaderland, is niet noodig, dat allen in eenzelfde keurslijf worden geperst, en in instellingen van eenerlei aard door wettelijken dwang saamgedrongen. Veeleer is het omgekeerde waar; werkt daarop schadelijk en verstorend het gevoel, dat men overheerscht wordt, in zijn recht verkort, in zijn leven niet erkend. Zoo wordt verbittering gekweekt; slijt uit het heerlijke besef, dat men een Vaderland heeft; voelt de landgenoot zich vreemd op zijne eigen erve; ziet hij in den medeburger eenen vijand, die hem onderdrukt en vertrapt. Door vrijheid tot eenheid. Geef vrijheid aan het volk, en het zal te meer den bodem zegenen, waarop het leven mag. Ja, reeds met de karig toegemeten vrijheid in het kwart eeuw dat thans achter ons ligt, mag worden gerekend, dat de band voor velen weer nauwer is geworden, die hen hecht aan het land, waar ook deze Stichting hunner liefde eene plaats der woning vond.

Eindelijk uitte Elout nog éénen wensch; eenen wensch, die met het eigenlijke doel der Universiteit ten nauwste in verband staat. Hoeveel beteekenis eene vrije Universiteit om haar zelf-

Sluiten