Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Intusschen is het juist deze uiterste konsekwentie van de dogma's der verdoemelijkheid, der onmacht en der eeuwige verdoemenis, die duidelijk in het licht stelt, dat er in het stelsel een principieele fout zijn moet; aan de vruchten kent men den boom; en indien het Calvinistische systeem zulk eene afschuwelijke vrucht draagt als de leer van het „decretum horribile", het raadsbesluit Gods tot verdoemenis van millioenen menschen is, dan moet men erkennen, dat het stelsel zelf niet deugt; en dat het, wel verre van (zooals men nog steeds gelooft en predikt), eene „zuivere uitdrukking der door God geopenbaarde waarheid" te zijn, integendeel geacht worden moet een stelsel van menscheüjke vinding, een systeem van leugen en dwaling.

„Een systeem van leugen en dwaling! Is dat niet een te kras, te hard oordeel? Is dat niet miskenning van wat er toch goed en waar in is?" denkt allicht menigeen. „Het moge waar zijn," zoo denkt men misschien bij zich zeiven, „dat de Gereformeerde leer in den vorm, waarin Calvijn ze' heeft ontwikkeld, met de supralapsarische reprobatieleer, onwaar moet geacht worden, is daarom alles in die Gereformeerde leer leugen en onwaarheid ?" En men denkt misschien aan de martelaren der 16de eeuw, die bereidwillig den dood ingingen voor de belijdenis van die zelfde Gereformeerde leer; aan zoovele „godzalige" belijders dier leer van vroegeren en lateren tijd, aan eene vrome moeder of godzaligen vader misschien, die in het geloof aan de waarheid van die leer zonder vreeze deri dood tegengingen. En allicht heeft dit ten gevolge, dat men mij, die zulke krasse beschuldigingen inbreng tegen die leer, beschouwt niet als iemand, die de waarheid liefheeft, en de menschen tot ware

Sluiten