Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dienen mocht, — mij bewezen dat gij u met mij verheugd hebt en verheugt. Het Presbyterie zoowel als ook vele leden der gemeente hebben mij de liefde der gemeente met hartelijke woorden en teekenen van belangstelling kondgedaan, en in een kostbaar geschenk is mij en den mijnen een blijvend aandenken aan uwe liefde ten deel geworden. Ontvangt daarvoor mijnen innigen dank en zijt daarvan verzekerd, dat het mijne grootste vreugde is, voor u en uwe kinderen een medehelper uwer blijdschap te mogen zijn door de verkondiging van het Evangelie onzes Gods en de onderwijzing in de leere Christi. Daartoe helpe mij God de Almachtige! Hij sterke ons in Zijne genade, opdat wij volharden in de gemeenschap der heiligen, tot welke Hij ons geroepen heeft, op den vasten grond, dien Hij gelegd heeft en op welken Hij Zijne Kerk gebouwd heeft en bouwt.

Toen ik voor meer dan twaalf jaren eens als gast in uw midden vertoefde, betrachtte ik met u den 87sten Psalm, een Psalm, waarin de Kerk van Christus bezongen wordt onder het voorbeeld van het aardsche Jeruzalem. Bij deze betrachting heeft God mij toenmaals grootere vrijmoedigheid geschonken in de bediening des Evangelies, dan ik te voren had. En zoo moge Hij onze zielen ook heden opnieuw verkwikken met de blijdschap, die in Hem is, terwijl wij met elkander lezen en overwegen den

87sten Psalm:

Een Psalm, een lied voor de kinderen van Korach. Zijn grondslag is op de bergen der heiligheid. De Heere bemint de poorten Zions boven alle woningen Jakobs. Zeer heerlijke dingen worden van u gesproken, o stad Gods. Sela. Ik zal Bahab en Babel vermelden onder degenen, die Mij kennen; ziet, de Filistijn en de Tyriër, met den Moor, deze is aldaar geboren. En van Zion

Sluiten