Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wie zegt: tegen tiet ongeloof en vóór de afscheiding, die verzwakt zichzelf en zijn volk, want „zij wankelen ter dooding, zoo gij u onthoudt." Spr. 24 : 11.

Zij en blijve het daarom onze leuze: tegen het ongeloof en tegen de afscheiding, of m. a. w. heel de Kerk en heel het volk.

VI.

HEEL DE KERK EN HEEL HET VOLK.

Wij hebben vooral twee principieele bezwaren tegein de nieuwe actie ontwikkeld, die ons beletten met den „Bond tot vrijmaking der kerken" mede te gaan: 1. het independentisme (het oplossen van de Kerk in vele kerkjes, het miskennen dus van het kerkverband); 2. de Roomsche zuurdesem (het niet toelaten van beroep op Gods Woord en de willëkeurige, en dus gewelddadige tuchtoefening, die daarmede onafscheidelijk verbonden is). Zoo rest ons nu nog een practisch bezwaar te ontwikkelen, n.1. dat men langs den voorgestelden weg gevaar loopt (om een uitdrukking aan onze vaderen te ontleenen) om „het lichaam te dooden inplaats van het te genezen."

Het gaat om het herstel van de Gereformeerde, d. i. de van dwalingen gezuiverde Kerk in deze landen. Die Gereformeerde Kerk bestaat nog wel in ons vaderland. Het is de Ned. Herv. Kerk. Doch die Kerk verkeert door allerlei omstandigheden in een zeer deplorabelen toestand. Zij moet hersteld worden. Gods Woord moet weer binnen die Kerk niet alleen gepredikt kunnen worden, maar ook zijn „rechtskracht" verkrijgen (zooals Prof. Gunning het uitdrukte) in de verschillende kerkelijke verhoudingen. Daartoe is noodig, dat niet alleen de enkele predikers zich kunnen uitspreken, maar dat ook de Kerk als Kerk zich bij voorkomende gelegenheden kan uitspreken, dat de Kerk als Kerk uitspraak kunne doen volgens Gods Woord. Daartoe moet de Kerk organen hebben, een mond om te spreken. Die organen zijn de wettige kerkelijke vergaderingen (Classicale vergadering, Provinciale Synode, Nationale Synode), die de Kerk thans reeds sedert honderd jaren

Sluiten