Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gezonden, die eene vergadering te dezer zake belegden, waar men het besluit nam, dat de Heidenen, om ergernis te mijden, zich alleen zouden onthouden van afgoderij, hoererij, het verstikte en het bloed.

Wie hebben vooral tot dit besluit medegewerkt? Petrus en Jacobus, de broeder des Heeren, 15 : 7—10, 13—21.

Is dit besluit ook elders kenbaar gemaakt?

De Apostelen en ouderlingen wezen Barsabas enSilasaan, om Paulus en Barnabas, met een schrijven, naar Antiochië te vergezellen, v. 22—31.

Silas bleef aldaar, v. 34.

23. Welk voorstel heeft Paulus Barnabas gedaan ?

Hij noodigde hem uit, te zamen de nieuw gestichte gemeenten te bezoeken, v. 36—41.

Dit gaf aanleiding tot een verschil van gevoelen en eene verbittering. Barnabas wilde Johannes Marcus medenemen, terwijl Paulus dit afkeurde en met Silas vertrok.

Eerstgenoemden reisden naar Cyprus, laatstgenoemden doorreisden Syrië en Cilicië.

24. Wie heeft de plaats van behulpsel bij Paulus vervuld ? Hand. 16.

Timotheüs, dien hij te Lystre vond, en, om den Joden geen ergernis te geven, liet besnijden, v. 1-—3.

De moeder van Timotheüs was een Joodsche, zijn vader een Griek, v. 1.

25. Wat bewoog Paulus naar Europa te reizen?

Nadat Paulus den brief van de vergadering te Jerusalem aan de gemeenten had overhandigd, reisde hij in Frygië en Galatië en kwam toen te Troas, waar hij een gezicht had, dat hem naar Philippi deed gaan.

Wat bracht hem en Silas te Troas? Te Mysië wilden zij naar Bithynië reizen, maar de Geest liet het hun niet toe, v. 7.

Paulus zag in den naclit een Macedonisch man, die hem zeide: „Kom over en help ons!" v. 9.

26. Wat hebben de zendelingen te Philippi ondervonden? Hand. 16 : 13 vv.

Paulus genas eene vrouw, die een waarzeggenden geest had, welke hen op straat naliep, roepende: ,,Deze menschen zijn dienstknechten Gods !" v. 17.

De heeren , voor wie deze bezetenheid een bron van inkomsten was geweest, klaagden Paulus en Silas bij de hoofdmannen

4*

Sluiten