Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het bestaande behoort immers ons eigen kenvermogen, en de normen, waarnaar onze geest de wereld beoordeelt, zijn van de inrichting dier wereld niet los te maken Een beschouwing van het bestaande te verwerven, ziedaar dan de taak der wijsbegeerte, wel te verstaan eene, die hoofd en hart bevredigt.

Misschien wordt tegen die laatste bijvoeging eene bedenking gemaakt. Dat een beschouwing van het bestaande dan eerst bereikt kan worden geacht, wanneer zij het verstand bevredigt, zal niet worden bestreden. Maar moet zij bevrediging schenken ook aan het hart ? Hoe dan, wanneer zij alleen maar aannemelijk is voor het denken? Er zijn wereldbeschouwingen, die in dat geval verkeeren. Er is een wereldbeschouwing, volgens welke de vooruitgang gebaat wordt door het ten onder gaan van het zwakke. Volgens die leer wordt er aan de menschheid geen grooter dienst bewezen dan door het afschaffen van de geneeskundige faculteit. Dan immers gaat het zwakke te eerder te gronde en is, wijl dan slechts het sterkere overblijft, de vooruitgang verzekerd. Christus, die het gekrookte riet niet wilde breken, is volgens die theorie de grootste vijand der menschheid. Tegen die leer nu, gesteld het denken kon haar niet wederleggen, komt het menschelijk gemoed in opstand. »Dat kan,' zoo roept ieder uit, »de ware beschouwing niet zijn. Ook al zien wij de fout in de redeneering nog niet, een fout moet er schuilen. Wij voor ons wenschen het er niet op te wagen, en roepen bij het ziekbed der onzen den geneesheer." Een hoofd en hart bevredigende beschouwing van het bestaande, de taak der wijsbegeerte. Dat is niet meer of minder, dan eene oplossing van het wereld-

Sluiten