Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komt er niet op aan, het is twijfelachtig, of Hij zen eene historische grootheid was, of Hij ooit inderdaad op aarde heeft geleefd !"

Maar Christus — gij weet het — heeft zich zeiven nimmer op den achtergrond geplaatst. Integendeel heeft Hij zijn persoon en zijn leven tot middenpunt van zijn goddienst, tot vereenigingsband zijner jongeren gesteld. Hij wilde niet vergeten zijn. Tot aan de voleinding der eeuwen moet en zal men Hem gedenken. Niet slechts eenige waarheden, die Hij verkondigd heeft zal men zich toeëigenen, Hem zeiven zal men liefhebben en prediken. De gemeenschap, de levenseenheid met Hem zal het hoogste goed blijven, voor hetwelk men de geheele wereld zal kunnen missen, wederstaan en overwinnen. En de belijdenis van Hem — niet van zijne leer alleen, maar van Hem zelf, van Zijn persoon en de daarin geschonkene openbaring der Goddelijke zondaarsliefde en van Gods plan met den mensch, zal de grondbelijdenis Zijner gemeente uit alle volken en voor alle tijden zijn en blijven.

Men zegt ons: „waartoe die sterke uitdrukkingen? In den grond der zaak bedoelen wij het ook zoo! Spreken wij dan ook niet van het feit van Zijn leven ?" Ik vraag: welk feit van zijn levenf Dat er „eens een Jezus geweest is, die onder Keizer Tiberius is gekruisigd en van wien zijne leerlingen zeiden, dat hij leeft f" ... Zeker, dat zeggen ons zelfs de Romeinsche geschiedschrijvers van die dagen en wij hebben geen reden, om het te ontkennen. Maar indien dit feit vast staat als geen ander, kan deze historische zekerheid grondslag zijn van eene godsdienstige gewisheid? Want zoo het Christendom niet enkel moraal of mystiek of wijsbeg e e r t e zijn zal, die met ideeën te doen heeft, maar godsdienst zijn zal, dan heeft het met

Sluiten