Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den Geest kan zijn, in en door Wien dat Woord naar Gods bedoeling ook zijn voleindiging vindt. Want het Woord Gods is en blijft altijd gesproken in den Geest en niet daarzonder en niet daarbuiten. Want het Woord der prediking is wel een uitwendig woord, maar in dat woord wordt gebracht het Woord Gods, of beter alzoo: dat uitwendige woord is het Woord Gods, in menschelijken vorm tot den mensch komende. En niemand scheide dit van den H. Geest! Het is tegen de orde der Goddelijke huishouding. Altans, wanneer de Heere Zijn Woord, n.1. het Woord in de Schrift gegeven, doet brengen, op Zijn last en in Zijn Naam, en dus kerkelijk, en getrouwelijk, is daarvan onmogelijk af te scheiden de H. Geest. Het zou zijn een aanranden van het Woord Gods, in zijn karakter als zoodanig.

Want indien wij zullen onderscheiden: èn het Woord Gods waardoor Hij schept en de dingen regeert, èn het Woord waarin de waarheid Gods openbaar gemaakt wordt, het een zoowel als het ander wordt gebracht, of gaat uit, door den Zoon in den Geest. En noch van den Zoon, noch van den Geest kunnen wij dat Woord scheiden, of wij halen het van zijn hoogte neer naar beneden. Want de Heere doet door menschenhand die Hij daartoe zendt en roept, niet een ander woord maar Zijn eigen Woord, dat door Hèm altijd als zoodanig zal erkend worden, gedurig brengen tot de personen tot wie Hij het wil zenden, en die Hij daarmede en daardoor wil bearbeiden, tot de doeleinden van eeuwigheid door Hem bepaald. Daarom zijn die gezonden menschen in den dienst speciaal des Geestes. En hun bediening is „de bediening" niet van een bloot uitwendig woord, maar „van den H. Geest".

Maar toch hebben wij hiermede deze benaming der H. Schrift nog niet genoegzaam in haar kracht doen gevoelen. De dienst des Evangelies is „de bediening des Geestes", ook hierom dat tevens gezegd kan worden, dat de Geest volgt het Woord, volgt het Evangelie, d. i.: volgt den Christus, waar Hij ook gelieft heen te gaan. Waar de Christus in Zijn Evangelie komt, daar komt met dien Christus en Zijn Evangelie ook de Geest, en wel de Geest als een Geest der genade, d. i.: der

Sluiten