Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„is er van een roemen in Christus nog geen sprake. Maar dreef „het leven der wedergeboorte tot bekeering uit, en is dientengevolge het echte, het waarachtige geloof in ons bewustzijn „ópgewaakt, en de bezieling onzes levens geworden, dan prikkelt „het besef van dankbaarheid voor Gods onuitsprekelijke gave en „perst het levenssap uit den Wijnstok in de rank".

E Voto dl. III bladz. 19: „God is vrijmachtig, om door de „tweede of geestelijke geboorte, deze graankorrel, die kiem des „geloofs, reeds in den moederschoot in ons te brengen, of het „te doen kort na onze geboorte. En al is het dan, dat het nog „twintig, dertig of zestig jaar duurt eer deze kiem tot ontwikkeling komt en de werking er van naar buiten openbaar „wordt, dan is zulk een persoon toch van zijne geboorte af „iemand, in wien God geloof gewrocht heeft".

Op bladz. 11: „Dit werk Gods kan zoolang in ons schuilen en „verborgen blijven, dat het jaren lang aanwezig was, zonder dat

„wij er iets van merkten En al is het dan ook, dat zulk

„een uitverkorene met zijn booze natuur hier jaren lang tegen „in worstelt en soms tot zijn ouden dag als een goddelooze „loopen blijft, toch is daarom het zaad, door God in zijn ziel „gestrooid, niet verstikt, maar te Zijner tijd zal de bekeerende „genade ook hem overkomen, en ten leven uitbrengen, wat God „in de ziel reeds zooveel vroeger, op geheel verborgen wijze „gewrocht had.

„ Zoo kan nu ook het geloofsvermogen, de geloofskiem

„lang in de diepte van ons steen en hart werkeloos verborgen liggen, zonder dat of gij zelf of een ander er iets van „merkt". (1)

Dat de H. Schrift de meening, dat er een verschil van tijd kan bestaan tusschen de wedergeboorte en de bekeering, niet begunstigt, ja tegenspreekt, dit blijkt indien wij er op letten, dat de Schrift niet leert, dat het nieuwe levensbeginsel van den wedergeborene in een sluimerenden, en aan het leven terug-

(1) De spatieeringen zijn van mij.

Sluiten