Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

komt, willen wij niet langer wachten om ook in onze Kerkbode op het hooge gewicht dezer kwestie in verband met art. 171 onzer Grondwet te wijzen.

Reeds vóór eenige maanden hadden wiji hierop willen wijzen, doch tijdsgebrek heeft ons verhinderd. Wij leggen hier eenigen nadruk op, omdat wij daarmede willen doen gevoelen, dat wij onafhankelijk van het artikel, dat we straks zullen aanhalen, tot dezelfde conclusies zijn gekomen als de schrijver omtrent art. 171 der Grondwet.

In dit artikel namelijk zien wij de historische lijn nog voortgezet, waarvan we boven spraken.

Redoeld artikel luidt aldus:

„De traktementen, pensioenen en andere inkomsten, van welken aard ook, thans door de onderscheidene godsdienstige gezindheden of dezelver leeraars genoten wordende, blijven aan dezelfde gezindheden verzekerd.

Aan de leeraars, welke tot nog toe uit 'slands kas geen of een niet toereikend traktement genieten, kan een traktement toegelegd, of het bestaande vermeerderd worden."

Hieruit blijkt ten duidelijkste, dat de mogelijkheid dus voor ons bestaat om voor de 17de predikantsplaats óók rijikstraktement te ontvangen. Zijn wij wel ingelicht, dan heeft men ook indertijd bij de stichting van de 14de predikantsplaats alhier op aanvrage aan de regeering het zoogenaamde alterumtantum op grond van bedoeld Grondwetsartikel ontvangen, d. w. z. de regeering beloofde jaarlijks een gelijk bedrag voor het traktement te geven als de gemeente.

Nu is er, dunkt ons, geen enkele plausibele reden aan te voeren, waarom het thans niet de zedelijke plicht der regeering zou zijrn, op grond van bedoeld artikel hetzelfde te doen. Het Grondwetsartikel toch is nog altijd hetzelfde gebleven, en de omstandigheden zouden zij thans de hulp der Overheid nog niet veel dringerder eisohen? Dodh hierover in een volgend artikel.

Om echter te doen gevoelen, dat onze beschouwing niet uit de lucht gegrepen is, laten we hier een driestar volgen uit De Standaard van 3 Dec. 1907 (blijkbaar van de hand van Dr. Kuyper). Daar lezen we onder het opschrift: Toereikend? het volgende, dat wij nu niet op verhooging van het bestaande, maar, om den geestelijken nood, allereerst op de stichting van nieuwe predikantsplaatsen zouden willen toepassen:

„Er is bij gelegenheid van het onder wijs wet je steen en been

Sluiten