Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

leden van andere Kerkgenootschappen over te halen tot haar toe te treden. Wie zich evenwel aanmeldt, wordt aan een nauwkeurig onderzoek naar de jechtheid zijner beweegredenen onderworpen. Ook aan de gemeente wordt de aanvraag medegedeeld. Is tot opneming besloten, zoo heeft deze in een bijeenkomst der gemeente plechtig plaats. De kerkelijke tucht wordt naar Matth. 18 : 15—17 in 3 graden uitgeoefend; door persoonlijke broederlijke terechtwijzing; is deze vruchteloos of volgen zwaardere overtredingen door de ontzegging van deelneming aan het Heilige avondmaal; eindelijk bij wie zich aanhoudend aan zware zonden schuldig maakt heeft uitsluiting van de gemeente plaats. Bij oprecht berouw kan tot de wederopneming der uitgeslotenen overgegaan worden. Verschillend daarvan is het zich zelf afscheiden van de gemeente b.v. door een door de Vereenigde Conferentie niet goedgekeurd huwelijk.

De predikanten, door een bisschop tot hun ambt geordend, worden eerst tot „diaconen" gewijd; zij, die aan 't hoofd eener gemeente staan, tot presbyters. Ook de diaconen hebben echter het recht in alle godsdienstoefeningen voor te gaan en de Sacramenten te bedienen.

Wat nu de godsdienstoefeningen betreft, zoo is Zondags preek, gewoonlijk voorafgegaan door een korte litanie. De predikant gaat voor zonder toga, achter een verhoogde tafel. Zondag 's avonds is er een liturgische dienst, ook wel zendingsbidstond en omtrent 12 keer 'sjaars de viering van het Heilige Avondmaal. Hierbij zijn de voorganger, en de diaconen in een witte toga gekleed. Het brood, de ouwel, wordt door hen van bank tot bank onder 't zingen van gezangen rondgedragen en uitgedeeld, en de beker eveneens. In de week is er 4 keer, 's zomers 2 of 3 keer, 's avonds een bijeenkomst in de zaal van 't Zusterhuis, een kinderpreek of bijbellezing of „Singstunde". Bij feestelijke bijeenkomsten worden naar 't voorbeeld der „Agapen"

Sluiten