Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(lil)

Capittel I. Van de kerckeliicke tsaemencomsten.

Art. I. i)

Aengaende het besorgen der kruiskercken is van nieus beslooten, dat elcke classe by jaerlijcsche touren opsight over de bestellinge derselver sal hebben volgens den 52en art. Syn. Thol. de anno 1602 s), daervan nu de eerste beurtesal hebben Walcheren, als sijnde nu classis synodael, ende daernaer elcke classis op haer ordre volgende.

Art. IT. 3)

Dewyle daer maer vier dassen in Zeelant sijn, wat expediënt men vinden sal om uyt de swaerigheyt te geraecken, wauneer de stemmen in synodo mochten comen te steecken; alle de classen comen daerin overeen, dat men in sulcken gevalle sal gebruicken alle mogelijcke inductiën, om d'een oft d'andere classe te brengen tot veranderinge van haere genomene resolutie; maer ingevalle de voet van inductie niet en conde helpen, soo sal men in het toecoraende op andere voorslaegen letten , dewijl de gedeputeerde in de voorgeworpene voorslagen 4) niet hebben counen accorderen.

Art. III. 5)

Belangende of eenige classe op den synodo, coetu of hooger

®) Gravamina I, 4.

*) Zie Reitsma. en Van Veen, A. w. V, blz. 58.

3) Gravamina I, 5.

» 4) Deze voorslagen waren volgens de aanteekeningen bij de gravamina de volgende: „1° In snlck een geval soude byeencomen classis synodael om te sien, of sy van haer eerste resolutie conde resiliëren, oft wel alle de respective classen, die dan haere resolutie over soo een sake den classis synodael souden aenschryven, om alsoo een gemeene resolutie te maken; II0 dat men sulck een sake soude aenschryven aen alle de kercken van Zeelant, welcke alle t'samen gevraecht sijnde, souden de meeste stemmen de resolutie maken; 111° dat alle de gedeputeerde hoofdelijck souden stemmen; IV0 dat men door het lot den Heer de sake soude bevelen, alles eerst getenteert sijnde, ende dat noch met sekere limitatiën, het lot gansch sorgelijck sijnde in vele dvngen, als in stucken van de leer etc.; V° dat men die sake, daervan de stemmen steken, soude uutstellen tot de naeste synode."

s) Gravamina 1, 6.

Sluiten