Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

vindt zich dit fraaie, op goed perkament geschreven document, dat dagteekent uit het jaar 1503. Adrianus Apelteren, de bisschop van Sebaste en vicarius-generalis van Frederik van Baden, den bisschop van Utrecht, geeft aan de St. Anna-broederschap in de Karmelieten-kerk te Utrecht het recht met deze prent te colporteeren. Wie deze Adrianus Apelteren, de bisschop van Sebaste was, is ons niet bekend. Het zoude ons echter niet verwonderen, indien hij een broeder ware van Jacob van Apelteren, den domdeken van Utrecht en proost van Eist, die eveneens tijdens bisschop Frederik van Baden leefde4). Adrianus Apelteren was vicaris-generaal van den bisschop van Utrecht en bezat Sebaste als een „episcopatus in partibus infidelium". De broederschap van het Karmelieten-klooster was in den jare 1503 in Utrecht pas opgericht2). Om den bloei er van te bevorderen verleende de bisschop aan allen, die tot de broederschap toetraden, 40 dagen aflaat van de hun opgelegde boetedoeningen (de iniunctis poenitentiis). Om dezen te verdienen moest men voor het op de prent afgedrukte beeld het voorgeschreven gebed bidden;

1) A. M. C. van Asch van Wijck, Archief voor kerkelijke en wereldlijke geschiedenis van Utrecht, Dl. I, blz. 43, 57; Dl. II, blz. 224, 229, 230, 254, 274; Dl. III, blz. 181. — Paul Fredericq, Les Comptes des Indulgences en 1488 et en 1517—1519 dans le diocèse d' Utrecht, in de Mémoires de 1'Academie royale, Brux. 1899, T. LIX.

2) Vergelijk over de Karmelieten-kloosters en St. Anna-broederschappen in het algemeen en in het bijzonder in de stad Utrecht: F. Daniël a virgine Maria, Speculant Carmelitarum, Antverpiae 1680, T. II, no. 3227, 3941, 2122, 3061, 3262, 3267, 3261. — Over de vereering van St. Anna, als patrones der Karmelieters wordt gesproken bij F. Daniël, Speculum etc., Tom. II, p. 615—619. Een oud drukje getiteld: „Legenda sanctissime matrone Anne genitricis virginis Marie matris et Ihiesu Cristi avie, impressum per Melchiorem Lotter, anno domini 1498, XVI vero Octobris Kalendas foeliciter terminatum, bevindt zich op de Koninklijke Bibliotheek in 's-Gravenhage. — Aub. Miraeus, Ordinis Carmelitani origo atque incrementa, Antv. 1610. -— J. Trithemius, Aub. Miraeus et Joh. de Carthagena, De ortu et progressu ac viris illustribus ordinis virginis Mariae de monte Carmelo, Col. Agripp. 1693.

Sluiten