Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wederopkomst te verhinderen." Hij ontzag zich dus niet, het voor te stellen als zou deze brievenkwestie alléén van juridischen kant bezwaren tegen hem kunnen opleveren !

Meent hij werkelijk, dat de begrippen „trouw" en „ontrouw" alleen met behulp van de juristerij kunnen worden vastgesteld ? Ons volk in zijn gehéél denkt daar, Goddank, nog anders over!

Mr. Tideman dorst te schrijven : „ik zou het gerust bekennen (als ik mijn eerewoord gebroken had), omdat ik meen, in dezen het land een dienst te hebben bewezen, en 's lands belang onze hoogste wet heett te zijn, waarbij eigen belang en eigen rust hebben achter te staan.'

Hij moge met deze phrases bereiken, dat een menigte domme halzen hem voor een redder des vaderlands zullen houden, en dat anderen, wier waarheidsliefde verpolitiekt is, zullen veinzen, dat zij er aldus over denken, wie weet, dat zelfs de staat aan hare ambtenaren het eerbiedigen van het brièfgeheim heeft opgelegd, die denkt er anders over en beseft tevens, dat deze „jurist" ten slotte heeft ingezien, hoe noodig het was, het figuur, dat hij sloeg, te verbergen.

Ziedaar, door welke mannen de lintjeszaak aanhangig werd gemaakt.

Maar er valt nog véél meer op hen aan te merken. Beiden deden zich van den waren en niet te besten kant kennen, toen zij gebruik begonnen te maken van het „deksysteem". Mocht de zaak anders loopen dan zij wenschen, dan hebben de twee heeren immers reeds bij voorbaat gezorgd voor een achterdeurtje, waardoor zij, venijn spuwend, weg kunnen sluipen.

Mr. Tideman — straks komt No. 2 aan de beurt — heeft n.1. in het „Handelsblad" geschreven, dat Mej. Westmeijer is „eene tooneelspeelster van den eersten rang' („niet alleen haar wilskracht en hare verbeelding, maar ook hare stem en haar geheele uiterlijk optreden is aldus bepaald ), m. a. w. als de zaak ten slotte anders mocht begrepen worden, dan Mr. Tideman het blijkbaar wenschelijk acht, dan zijn allen, die daarmede instemmen, reeds bij voorbaat als onnoozele dupes van deze „come-

diante" door hem gekenmerkt.

Mijns inziens had Mr. Tideman — met déze overtuiging toegerust —

alle reden gehad om dan ook tegenover Dr. Kuyper de billijkheid

te betrachten ! Toen deze zelf erkende, dat hij onvoorzichtig was ge weest en verward geraakt was in een weefsel, waarvan hij het bestaan niet bijtijds doorzien had, toen had juist de heer Tideman van zijn standpunt af! - geen moeite moeten hebben om zulks als zéér verklaarbaar te aanvaarden. En zulks mocht nog te meer van hem verwacht worden, omdat hij er op zijn beurt ook zélf ingevlogen blijkt te zijn.

Hij stelde het immers voor, als zou Mej. W. hem hebben willen ge-

Sluiten