Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

school en voor de vrije school niet over wat haar toekomt.

Een ander zwak punt in 't Rapport is de opleiding voor de tweede bevoegdheid. Onze inrichtingen brengen de kweekelingen slechts halverwege. Wat dan volgt, moet de onderwijzer zelf maar zien klaar te spelen. Bevoegd en onbevoegd, moet hij maar middelen 'beramen om bezitter te worden van de hoofdakte. Menigmaal is een cursus niet te bereiken en moet het surrogaat „schriftelijke leiding" geaccepteerd worden. Het 'meest bevreemdende is nog wel, dat veel van wat op 't onderwijzers-examen gevraagd wordt, dan weer aan de orde komt. De hoofdcommissie stelt voor, dat aan kweekscholen tot opleiding van onderwijzers in 't vervolg cursussen voor de hoofdakte kunnen verbonden worden. Ook kunnen afzonderlijke cursussen voor dit do*el worden opgericht, 't Zelfde dus, wat we nu reeds hebben. De sub-commissie gaat ean stapje verder en stelt voor een examen als 't eind-examen en daarnaast staatsexamen. Voorts wordt het aantal vakken wat besnoeid, doch in hoofdzaak blijven de bezwaren bestaan, waarvan we als de voornaamste noemen: een studietijd deels met en deels zonder leiding of wat al even erg is: een tweeërlei opleiding, waarvan de laatste zoo goed als geen rekening houdt met de eerste, zoodat de spot gedreven wordt met den eisch geleidelijkheid. Ook hier zien we ons door 't Rapport teleurgesteld.

Nu komt de vraag: „Zullen de vrije schoolexamens vereenigbaar zijn met het premiestelsel?" Wij meenen: Neen! Daar het onderwijzend personeel het onderzoek aan 't eind van den cursus moet instellen, zal het oordeel vrijer zijn zoo 't finantieel belang van de school en tenminste van de onderwijzers zelf losgemaakt is van den uitslag. Het subsidiestelsel van lieden zou al licht tot verkeerde praktijken leiden. Ook de aanleiding tot het vermoeden dient weggenomen te worden, 't Rapport spreekt niet over subsidie's. Vooral in deze materie hangt daar zooveel aan. De subsidie voor normaallessen kan gewijzigd blijven bestaan, zoo het jus promotionis niet aan haar wordt toegekend. En de particuliere opleiding dient te worden geschrapt in t Kon. Besluit. In 1909 waren er 59, die door hoofden van scholen werden opgeleid, 8 deden examen en één slaagde. Dus men noteere: 13 % geslaagden d. i. nog geen 2 °/o van de opgeleiden.

Men mag op dit bedrijf geen premie stellen.

Sluiten