Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dan twee candidaten onder zijn direct toezicht en dagelijksche leiding. Bij 't slagen voor 't onderwijzersexamen wordt een subsidie uitgekeerd aan 't hoofd der school van f 120, waarvan f 90 geacht wordt te zijn voor hem die met het direct toezicht en de dagelijkscbe leiding belast was.

25 Aan elke school mogen zooveel candidaten zijn als er nu onderwijzers overcompleet gesubsidieerd worden vermeerderd met tweemaal zooveel als er vacatures zijn, met dien verstande dat het aantal candidaten nooit het dubbele mag bedragen van het aantal onderwijzers met drie dienstjaren.

26 Een vacature, waarvoor twee candidaten kunnen aangewezen worden, behoeft niet binnen den gestelden tijd vervuld.

27 Noch aan de leerscholen, noch aan de M. U. L. O.scholen worden candidaten geplaatst.

28 Een Kweekschool, die aanspraak maakt op de Rijks-subsidie, moet o.a. voldoen aan de voorwaarde, dat in de laatste vier achtereenvolgende jaren minstens 25 leerlingen als candidaat zijn afgeleverd.

29 Zoo vaak het aantal geslaagden in die vier jaar meer dan 50 bedraagt, zoo vaak kan een beurs van f 75 per jaar geldig voor 4 achtereenvolgende jaren worden toegekend aan leerlingen van de klas, die 't volgende jaar wordt opgenomen.

30 Kwekelingen, die hunne opleiding gedeeltelijk aan de kweekschool hebben genoten, worden voor dat deel bij de berekening van Art. 28 en 29 in rekening gebracht.

31 Geen leerling mag meer dan vier beurzen hebben.

32 De beurzen worden met de subsidie uitbetaald op vertoon van een kwitantie afgegeven door vader of voogd van den leerling, die 't genot van een beurs 't vorige jaar heeft gehad.

33 De Rijkskweekscholen gaan over aan gemeenten of verenigingen en leven onder dezelfde voorwaarden als de Bijzondere kweekscholen.

34 De Rijks-normaallessen houden op te bestaan of worden omgezet in Bijzondere.

35 De leerlingen van Bijzondere normaallessen doen examen aan een Kweekschool naar keuze.

36 De regeling van subsidie blijft als op heden, en verandert

Sluiten