Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gods bevel, wanneer zij zulk een inrichting niet in stand hielden.

Sinds de synode van Arnhem is echter het „beginsel'' der kerkelijke opleiding in den zin van dogma (uitdrukkelijk gebod Gods) sterker op den voorgrond getreden, ja tot leuze voor het bestaansrecht der school door velen aangeheven. De „minderheid", die in Arnhem met het besluit der synode niet mee kon gaan, heeft zich nadien te inniger rondom de school geschaard, en merkte nu in zekeren zin de school als haar school aan, die zij verdedigen en versterken moest. Zij stichtte vereenigingen, vormde een bond, gaf een blad uit, hief de leuze aan : de opleiding voor de kerk door de kerk I Ja, sommigen oordeelden nog verder te moeten gaan, en in hun blad, dat speciaal ter bescherming der school werd opgericht, een stelselmatige bestrijding te moeten voeren tegen leerstellingen, die door hoogleeraren der vrije universiteit waren gepropageerd. Men wekte den schijn, alsof de school der kerken tevens als bolwerk dienen moest, om de zuivere gereformeerde waarheid tegenover de dolende broeders der universiteit te maintineeren. Wellicht herinnert gij u, hoe ik indertijd in mijn brochure „Onze theologische school en haar beschermers" tegen dit bedrijf protest liet hooren. Ik kon niet aanzien, juist uit eerbied voor de schoone traditie der school, dat zij gemaakt zou worden tot propagandaschool van dogmatische leeringen, die juist door de meerderheid harer hoogleeraren steeds waren afgewezen.

Sinds de pacificatie van Utrecht is hierin wel een gelukkige kentering gekomen, maar gebleven is toch het feit, dat de school gesteld wordt tot symbool van het onaantastbaar en onveranderlijk beginsel, dat de opleiding tot den dienst des woords moet geschieden door de kerk, niet maar in dien zin dat de kerk voor zulk een opleiding zorgen en haar rechten daarbij handhaven moet (want dit is ook door voorstanders van het universitair-onderwijs, ook door genoemde Kamper hoogleeraren geponeerd), maar op die wijze, dat de kerk zelf door haar organen onderwijs geeft en theo'ogie beoefent. Vanzelf komt wie zulk een beginsel verdedigt vijandig te staan tegenover elk ander theologisch onderwijs. Met name de methode van onderwijs, gelijk die aan de vrije universiteit domineert, is vanuit dit standpunt beoordeeld, tegen de schrift, tegen den wil van God, en moet daarom hoe eerder hoe beter van de aarde worden weggedaan.

Gij zijt het met mij eens, dat daardoor in de positie dezer schoolvrienden iets abnormaals schuilt, dat hun toestand soms het tragische

Sluiten