Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

in waarheid met God verzoend? heb ik in waarheid barmhartigheid gevonden? ben ik in waarheid afgewasschen, gereinigd, gerechtvaardigd door den Naam des Heeren Jesus Christus en door den Geest Gods? Wat leven heeft, vleit zichzelve niet, en wil zich wel beproeven en laten beproeven, — en het goud mag wel op den toetssteen gelegd worden. Hoe staat het met uwe werken? brengt gij allen vruchten voort, der bekeering waardig? Wie zich geslagen voelt, die sta op uit dit vergankelijke, rit dit ijdele van het zichtbare, want dit gaat op het laatst altegaar in vuur en vlammen op, en het kan alles den mensch niet helpen, wanneer de dood bij hein door het venster komt. Wat nut doet ons eene kerstnacht-bespiegeling? of wat nut doet den mensch eene gehoorde predikatie, als hij er niet naar doet? Het leven is kort, en de eeuwigheid lang, en o, eene onzalige eeuwigheid, verre van het eeuwige licht, verre van den Heere Jesus, verre van de eeuwige vreugde, verre van het liefelijk Aangezicht Gods, verre van den gloed Zijner liefde, in de ijskoude, donkere hel, in het gezelschap van alle duivelen, van alle verdoemden, en voor eeuwig arm, omdat men geenen God heeft voor zijn hart! O, hoe ontzettend, hoe schrikkelijk is dat! —

O Geliefden, ik moet ernstig zijn, — ik moet menigeen, die zich wellicht vleit in den hemel te zullen zitten, bidden, ter harte te willen nemen wat ik zeg, — en: terug van uwe doodkist, ook gij, bekommerden, terug van uwe zonden, van het lichaam uws doods, — terug, en naar deze kribbe toe! Wie ligt daar in de kribbe? Wie ligt daar in armoedige doeken? Hij ligt daarin, Die het eenen mensch blijmoedig leert uitspreken: „Ik heb begeerte om ontbonden te worden en met Christus te zijn!" Hebben wij in onze eerste ouders den dood over ons gebracht, den eeuwigen dood, hebben wij in dezen dood allen gezondigd, zijn wij allen van nature kinderen des toorns, slaven der zonde,

Sluiten