Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gerechtigheid voor hen zal aanbrengen; dat dit Kind in Zijn bloed de vergeving van zonden en het recht op het eeuwige leven zal verwerven voor hen, die midden in den dood liggen, die dood liggen in zonde en ongerechtigheid; de engelen hebben het aanschouwd, dat dit Kind deze gerechtigheid ook daadwerkelijk aan de Zijnen zal toeëigenen in den tijd van hun aanwezen op aarde, doordien Het den Geest des levens hun geven zal, den Geest der genade en der bekeering, den Geest des geloofs, door Welken zij deze gerechtigheid zullen deelachtig worden; zij hebben het aanschouwd, dat dit Kind in de kribbe, door Zijne gerechtigheid, den heiligen en rechtvaardigen God voor de verlorenen zal maken tot hunnen verzoenden God; dat God, om dezes Kinds wil, Zijn vriendelijk Aangezicht weder over hen zal verheffen, en dat Hij vanwege hunne zonden volstrekt niet meer op hen zal toornen; zij hebben het aanschouwd, dat de verlorenen deze verheffing van het vriendelijk Aangezicht over hen zullen bevinden door dit Kind, — en dat zij dus door Hetzelve vrede bij God zullen hebben. En dezen vrede boodschappen zij, terwijl zij van blijdschap jubelen: Vrede op aarde! —

En gewisselijk, dat is ook eene groote zaak voor eenen armen en verloren' zondaar, die het gevoelt, welk een gruwel de zonde in Gods oogen is, hoe Zijn rechtvaardige toorn daarover moest opgewekt worden; die het weet, welke scheiding de zonde tusschen God en hem heeft veroorzaakt. Immers het Aangezicht Gods moet tegen den zondaar zijn, — dat eischt Zijn heilig Wezen. En wat den mensch zelf aangaat, ook hij verkeert in vijandschap jegens God; hij kan God niet liefhebben, Die hem straft; hij haat Hem, en wil zich Dien niet overgeven, Die een afschuw heeft van de zonde. Want de mensch heeft de zonde lief, en het bedenken des vleesches is vijandschap tegen God en Zijne gerechtigheid. Hoe worden deze twee het eens? De engelen

Sluiten