Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

heeft hij dan vergeten, welke zonden hij gedaan heeft? denkt hij er dan volstrekt niet aan, welke z:nde hij daarmede bedrijft, dat hij zoodanige vraag doet? Ofschoon hem zijne vorige zonden vergeven zijn, getuigen die deswege dan niet juist tegen hem, welk een zondaar, ik zeg niet, hij was, maar welk een zondaar hij is? —

Wanneer mijn schuldheer mij ook al mijne schulden heeft kwijtgescholden, en ik alsnu bij hem rijk ben en overvloed heb, zal i k het dan daarom vergeten zijn, welke schulden ik vroeger gemaakt heb? zal ik het vergeten zijn, hoe ik steeds het bewijs heb geleverd, dat — voor hoe verstandig ik mij ook heb gehouden en hoe ijverig ik ook zijne voorschriften bestudeerde, — ik evenwel niet in staat was noch in staat ben, mijne eigene zaken te beheeren? Daarom, geliefde vriend, vraag niet langer naar wet, gebod, voorschrift en werken, maar daarnaar, dat gij alleenlijk blijft in het geloof aan Zijne barmhartigheid, die u geschied is. Deze barmhartigheid is getrouw, om u van alles te voorzien; blijf gij maar bij de belijdenis, of leer het belijden: „Onder de zondaren ben ik de voornaamste".

Maar nu iets anders: Waarom stoort zich zoo menig uwer in 't geheel niet aan Gods Woord, Wet of Gebod? hij doet zich voor en houdt er zich ook voor, als ware hij gansch en al bereid, om in de eeuwigheid over te gaan en voor God te verschijnen, terwijl hij er toch zoo weinig naar vraagt, wat zijns naasten is, dat hij er slechts op uit is, dat zijn eigen wil geschiede en zijn rijk gehandhaafd blijve; dat hij mitsdien alleen zichzelven zoekt en het wel openbaart, dat hij niets van de zelfverloochening verstaat, die hem toch door den Heere geboden is, — ook zoo weinig na;;r Gods Naam vraagt, dat alles hem in den grond der zaak onverschillig is, indien hij maar in deze wereld

Sluiten