Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

moest zijn, d. w. z. een kerk, die geenerlei steun genoot van den Staat. En dit is, helaas, maar al te goed gelukt. Gij weet, hoe de door de regeering nog voorgestelde, door de Tweede Kamer nauwelijks aangenomen rijkssubsidie voor de 17e predikantsplaats te Rotterdam, ten slotte door de Eerste Kamer is verworpen. En dit alles ten gevolge van de doorwerking der afscheidingsbeginselen op politiek terrein, zooals o.a. uit de rede van prof. Woltjer, hoogleeraar aan de Vrije Universiteit, in de Eerste Kamer duidelijk is gebleken.J)

Men realiseere zich toch goed, wat de verwerping van de rijkssubsidie voor de 17e predikantsplaats (en daarmee tevens voor andere nog te stichten plaatsen ook in de andere groote steden) beteekent. Dat wil zeggen> dat de overheid (voorloopig althans, zoolang men niet van dezen heilloozen weg terugkomt, want de Grondwet laat nog altijd subsidie toe, en het hangt dus slechts van de activiteit van de Hervormden af, of deze kwestie andermaal aan de orde zal worden gesteld, al of niet), hare hand geheel terugtrekt van de groote steden, wat hare geestelijke, godsdienstige behoeften betreft. Voor allerlei andere zaken, wetenschap en kunst, onderwijsbehoeften en sociale belangen, die steeds meer worden opgedreven, openbare leeszalen, speeltuinen, schoolvoeding, schoolbaden enz., kan men geld ontvangen uit de openbare kas, alleen voor de Kerk kan men geen cent subsidie ontvangen voor de zoo broodnoodige nieuw te stichten predikantsplaatsen. En dat, terwijl de groote steden zich al meer uitbreiden, terwijl ons volk van het nog godsdienstige platteland steeds meer naar de groote steden verhuisd (en daar dan geestelijk verwildert), terwijl Rotterdam b.v. in de

1) Met dankbaarneid zij hier herinnerd, dat o.a. de heer W. Hovy ook hierin toonde ie behoeften van ons volksleven beter te verstaan dan de al te doctrinaire hoogleeraar en voor de rijkssubsidie stemde. Gelukkig zijn er ook onder de Antirevolutionairen nog genoeg mannen met breeden blik, die, indien de zaak opnieuw aan de orde kwam (de zitting der Eerste Kamer vlak vóór de vacantie was zeer onvoltallig) ons zouden willen steunen. Tuist de mannen der praktijk staan aan onze zijde.

Sluiten