Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het is te vreezen, dat dit over 10 of 20 jaar ook uit wezen zal. Als de antithese bij den voortduur zoo scherp gesteld wordt, gelijk thans reeds het geval is, dan is het te voorzien, dat, als zij die nu nog kinderen zijn, ouders zullen zijn geworden, dezen hun kinderen niet meer zullen toestaan de Geref. Zondagsschool te bezoeken. De onderwijzers in de stadsscholen weten reeds er van te spreken, dat er ouders zijn, die het hun kinderen nu al beslist verbieden.

In de Vlaamsche scharenslijper, een boeiend Evangelisatieverhaal, komt een schoone volzin voor, die wij hier overnemen.

„Als de menschen wisten, hoe rijk het Evangelie ze maakte, ze zouden 't met harte en handen grijpen en vasthouden, als het beste dat er, voor den tijd en de eeuwigheid, op de wereld bestaat.''

Laat dit woord ons tot krachtigen ijver bezielen in het schoone Evangelisatiewerk.

Daar zijn er, die zeggen, dat de nederlaag, bij de stembus in Juni geleden, een wraak der groote steden was. Welnu, laten wij dan Christelijke wraak nemen en, door de liefde Christi gedrongen, allerwege uitgaan met het Evangelie. Dan laat die droeve uitspraak althans nog een goede uitwerking na.

De grootste aller zonden, het ongeloof, heerscht thans allerwege rondom ons; moge dat ons bezielen, om uit te gaan tot den strijd des geloofs, wetende, dat hoe machtig onze tegenstanders ook zijn mogen, hun woede straks z<«.l blijken de machteloosheid te zijn van den stoppel tegen den vuurgloed. God beziele ons allen tot den heiligen krijg, en doe nog velen, die tot nu toe de stroohalmen van het ongeloof tot hun sterkte hebben, komen tot den Rotssteen des heils en des geloofs, Chiistus Jezus, die gekomen is, om te zoeken en zalig te maken, dat verloren was, en die vooral ook tot de kinderen met zooveel mededoogen zich richtte. En waar de mannen van kracht en de jongelingen en jongedochters bij honderden en duizenden het ongeloof toevallen, laat dat ons des te meer dringen, om tot de jeugd ons te wenden, gedachtig aan en in den gebede pleitend op het Woord van Christus: „Laat de Kinderkens tot Mij komen, en verhindert ze niet, want derzulken is het koninkrijk der hemelen.-' Er is te

Sluiten