Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

eene zelfde taal, hetzelfde schrift en denzelfden godsdienst. Weldra zochten enkele der vorsten hun gebied ver over de grenzen hunner stad uit te breiden. Een der oudere dezer stadvorsten, Loegal-zaggisi van de stad Oemma, beroemt er zich op, dat zijn god Enlil, de Heer der landen, hem de rijken heeft onderworpen, de landen van den opgang der zon tot aan den ondergang deed veroveren en hem den weg baande van de Beneden-zee, over den Tigris en den Euphraat, tot aan de Koven-zee ). Met de ,,Boven-zee" kan alleen de Middellandsche zee bedoeld zijn. Is dit dus niet enkel grootspraak — maar ook dan ware ten minste kennis van het bestaan der Middellandsche Zee bewezen - dan moet Loegal-zaggisi op zijn zegetocht reeds den bodem van Kanaan of Syrië betreden hebben. Waarschijnlijk echter stortte zijn rijk na zijn dood weer ineen.

Ongeveer een of twee eeuwen later, omstreeks 2600 v. Chr., ontstond een rijk van nog grooteren omvang en van iets langeren duur, dat zijn middelpunt had in Noordelijk Babylonië. De stichter van dit rijk was Sargon van Agade, die bij zijn troonsbestijging den titel „Koning aller Koningen" — sar-kali-sarri 1*>) schijnt te hebben aangenomen. Van dezen Sargon, niet te verwarren met den zeer veel lateren Assyrischen koning van dien naam, is ons velerlei bekend. Wij hebben niet alleen van hem persoonlijk en uit zijn tijd opschriften, die de oudste bekende oorkonden zijn in de Babylonisch-Semietische taal: maar uit lateren tijd is ons ook eene legende bewaard gebleven met het mythische verhaal zijner geboorte en jeugd; dan de fragmenten eener kroniek, die de belangrijkste daden zijner regeering vermeldt; en

Sluiten