Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

omstreeks 1400 v. Chr., was Kanaan eene Egyptische provincie. Maar in de eerste helft, omstreeks 1700, was Egypte waarschijnlijk zelt eene provincie van Kanaan.

De 18de en de 17de eeuw v. Chr. zijn een donker tijdperk in de geschiedenis van West-Azië. De Egyptische bronnen vermelden er daarom zoo weinig van, omdat men eenvoudig later elke herinnering aan deze periode van vernedering zorgvuldig heeft uitgewischt. Want het was het tijdperk, waarin Egypte door een vreemd volk, de zoogen. Hyksos, overheerscht werd. De latere berichten, die van Manetho, ons overgeleverd vooral door Elavius Josefus, zijn verward en verwisselen de Hyksos met de Joden. Maar dit staat wel vast, dat zij een rijk beheerschten , dat zich ver over de grenzen van Egypte uitstrekte en waartoe stellig ook Kanaan behoorde. Een der eerste dezer koningen, Chian geheeten, noemt zich niet slechts, zooals ook zijne opvolgers, „vorst der vreemde landen", maar zijn naam werd teruggevonden op kleine voorwerpen met Egyptisch opschrift te Gezer in Palestina 38), te Babel, ja zelfs te Knossos op Kreta. En in de Arabische overlevering bleef misschien 3'J) zijn naam, in den vorm van Rajjan, voortleven als de naam van den Farao, die Jozef uit de gevangenis verloste en tot groot aanzien bracht.

Van waar kwamen de Hyksos ? Het raadsel wacht nog steeds op zijne volledige oplossing. Maar de oude Egyptische bronnen geven zekerheid omtrent vierderlei. De naam van het volk, de namen van zijne koningen, zijne godheid, zijne hoofdstad zijn bekend. Op deze vier punten moet het onderzoek dus steunen.

De Hyksos worden als volk 'Atnoe genoemd. Wij

Sluiten