Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

regel van Gods Huis d. i, die de waarheid bekennen en den wandel dienovereenkomstig voeren, en die als leden moeten aanvaard, zoolang zij niet als kettersche menschen moeten verworpen of als menschen van booze levensopenbaring uit het midden der zichtbare Kerke moeten weggedaan. —

De praktijk der Geref. Kerken op het stuk van belijdenis-doen, komt ons verder voor. een ongeoorloofde, wijl eigendunkelijke, stremming te zijn van de voortzetting der zichtbare Kerk in de volgende geslachten.

Waar men zoodanige vragen stelt als boven werden aangeduid — en waar men andere bewoordingen gebruik, is daar de toelichting niet in denzelfden geest? — daar worden talloos veel ernstige, niet alleen onbegenadigde, maar ook wel begenadigde menschen, die in de eerste beginselen staan, verhinderd zich naar hun schuldigen plicht bij de Kerk te voegen en zich met haar te vereenigen. Gevolg daarvan is dan ook in verscheidene gemeenten, dat het aantal „doopleden" talrijk, de som der belijdende leden daarentegen klein is, voortdurend zelfs slinkende door vertrek, door den dood en door andere oorzaken meer. De Kerk als instituut aangemerkt, de Kerk als zichtbare instelling Gods, wordt in haar uitbreiding en voortzetting alzoo gehinderd en gestremd — waarbij dan nog komt, dat men vaak tot het stellen van „doopgetuigen" zijn toevlucht moet nemen, een stelsel dat in de praktijk veelal blijkt een fictie te wezen, een formaliteit van geen of zeer weinig waarde. —

Er is nog meer, waardoor de praktijk der Geref. Kerken op het stuk van belijdenis-doen (met den aankleve van dien) wordt gedrukt en als bedenkelijk zich openbaart.

Sluiten