Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hebben aangediend in het lidmaten-boek heeft ingeschreven; dan heeft men hen ook als geloovigen aanvaard en dienovereenkomstig te behandelen. Men heeft dan zoo men ze niet feitelijk tot leugenaars wil maken — hen als broeders en zuster te begroeten ; hen in de ambtelijke bearbeiding op te bouwen in hun geloof; en bij verslapping of nalatigheid hen tot getrouwe gebruikmaking van 's Heeren Tafel aan te sporen. Ik ontken niet, dat er in de Geref. Kerken voorgangers zijn, die anders te werk gaan met de hun toevertrouwde zielen, edoch, dit is een gelukkige inconsequentie en feitelijk een afbuiging van de lijn, die ze volgens hun kerkelijk systeem behoorden te volgen.

En nu vraag ik in gemoede, of niet dat systeem ernstige gevaren voor belijders met zich brengt, om vast te raken op een valschen grond van vleeschelijke gerustheid. Want ach! wij diepgevallene en door de zonde verblinde schepselen, wij zijn van nature zulke droevige zelfmisleiders. Wij komen er zoo gemakkelijk toe, om ons zeiven iets toe te eigenen, wat van Godswege ons niet geschonken werd, en door anderen ons iets te laten aanpraten, waarvan de wezenlijkheid in onze ziel ontbreekt. En vooral wanneer wij onder een bloot voorwerpelijke of weinig onderscheidende bediening werden opgekweekt in de voorstelling, dat het plicht is van den gedoopte, om voor den Heere te kiezen, belijdenis daarvan afteleggen en ten Avondmaal te gaan, zonder dat ons de bearbeiding des Geestes door welke de Heere zijn uitverkoren toebrengt en voor den zegen des Sacraments komt vatbaar te maken, bescheidelijk werd uitgelegd — ach, dan is er gemeenlijk niet véél toe noodig om door menschen onze schreden

Sluiten