Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nieuw-Calvinisten iets aangewreven heb, wat zij inderdaad niet zouden stellen. Men weet, dat het in de geschriften hunner voormannen woordelijk zoo te vinden is.

En in het feit, dat wij met die leervoorstelling, die jaren lang reeds in de Geref. Kerken gepropageerd en getolereerd is geworden, niet langer meedoor konden — ligt één der oorzaken waarom wij, in genoemde kerken ons niet meer thuis gevoelende, met die kerken hebben gebroken.

* *

*

Maar hadt ge niet moeten blijven? zoo hebben broeders aan wie ik mij hartelijk verbonden gevoel, mij mondeling en schriftelijk gevraagd. Gij weet dat in meer dan één onzer Kerken uw dienst werd gewaardeerd en immer ook in eigen Kerk wordt ge niet bemoeielijkt, niet verhinderd althans, in prediken en catechiseeren.

Voor hen en voor meerdere belangstellenden sta mijn antwoord thans hier.

't Is waar, mijn kerkeraad belette mij het prediken en catechiseeren niet. Al vonden de broeders mijn prediking eenzijdig, afsnijdend, scherp en weinig Evangelie-bevattend — een afwijker van de officieele belijdenis der Geref. Kerken (zooals sommige kranten mij gebrandmerkt hebben) zagen ze blijkbaar in mij niet. Immers, in dat geval zouden ze mij aangeklaagd hebben bij de meerdere Vergadering, en gelijk bekend is, dat deden zij niet.

Maar al was in de kerkeraadsvergadering de onderlinge verhouding welvoegelijk, al werd over en weer de burgerlijke beleefdheid in achtgenomen, men voelde toch dat de zoo noodige harmonie tusschen leeraar

Sluiten