Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Bereid goedertierenheid en waarheid, dat zij Hem behoeden"; d.w.z. wil, o God! handhaven Uwe genade en waarheid in de vervulling van Uwe beloften ten aanzien van den door U beloofden Koning. — Zulk eene belofte vinden wij o.a. ook in den 89sten Psalm, waarin Ethan ook van Christus' Koninkrijk profeteert (vs. 34) en waarin de goedertierenheid en waarheid of getrouwheid mede genoemd worden als de vastigheid van den troon des Heeren (15). Aldus door goedertierenheid en waarheid als een koninklijke lijfwacht omgeven, zal Hij eeuwiglijk zitten voor Gods aangezicht.

David begeert dan in deze bede van Ood, dat Hij het den Koning, door Hem beloofd, wel moge doen gelukken in Zijn regeeren, dat Hij voorspoedig moge zijn in Zijne heerschappij, dat Zijn Rijk door Gods genade en trouw bestendig blijve, dat het geen vijand ooit gelukken moge Zijn Rijk te verstoren. Het is eenzelfde getuigenis als wij in Psalm 45 : 5 hooren geuit tot den Koning, door God gezegend in eeuwigheid, n.1.: „Rijd voorspoediglijk in Uwe heerlijkheid, op het Woord der waarheid en rechtvaardige zachtmoedigheid".

Voor zoover nu deze bede David als koning van Israël geldt, heeft God ze verhoord ; want David is op zijn troon bevestigd en is zijn leven lang door 's Heeren goedertierenheid en trouw omringd en bewaard. Maar ook bij Hem, Wiens schaduwbeeld en representant David was, onzen eeuwigen Koning Jezus Christus, heeft God Zijne goedertierenheid en trouw verheerlijkt, door Hem trots allen tegenstand des vleesches in Zijne heerschappij te handhaven, Hem te handhaven als den Koning van het Rijk der genade en waarheid, der gerechtigheid en des eeuwigen levens. En dat heeft God gedaan, niet omdat deze eeuwige Koning — God uit God — het voor Zichzelven noodig had, maar omdat Hij de Koning is van Zijn ellendig en arm volk, hun gegeven tot een schild in het strijdperk van dit leven; opdat Hij hun schenken zou vergiffenis van hunne zonden, eeuwige gerechtigheid en zaligheid; opdat Hij hen bewaren en behoeden zou tegen alle geweld des duivels en der wereld.

O wèl ons onder de heerschappij van dezen Koning! aan Wien

Sluiten