Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gaat met het lichaam tot ontbinding over, om later — bij het eindigen der wereldorde — met het lichaam op te staan en in (die bedeeling der) onsterfelijkheid als bestraffing den dood te erlangen. Daarentegen — al is het, dat zij tijdelijk tot ontbinding overging — sterft zij niet, wanneer zij in het bezit der ware kennisse Gods is geraakt {tt/v lniyi>a>Gii> zou Qtov TTtnonjfiéi't]). Want van zichzelve is zij duisternis en is er niets in haar, dat tot de lichtssfeer behoort (ymrurdv). En dit is dan de beteekenis van het gezegde: „De duisternis begrijpt het licht niet." Immers het was niet de psyche, die zelf den „geest" redde, maar zij werd door hem gered; en het licht heeft de duisternis begrepen in dien zin, dat Gods „licht" logos is, maar de psyche, die geen verstand bezit, „duisternis". Daarom zinkt zij, wanneer zij alleen blijft, nederwaarts naar de stof en sterft met het vleesch. Doch wanneer zij gehuwd is aan den goddelijken „geest", ervaart zij een krachtigen steun en stijgt op tot die gewesten, waarheen de „geest" haar geleidt. Want de „geest" heeft zijn vaderland boven, hare geboorte echter is van beneden."

Lichtssfeer en duisternis, boven en beneden, hemelsche gewesten, waar het pneuma tehuis is, een hemelvaart der ziel naar het „licht" Gods, het is alles gereduceerde, maar toch duidelijk kosmologische beeldspraak. Misschien zeggen wij iets te veel, wanneer wij spreken van beeldspraak. Volkomen zuivere symboliek, die niets is dan beeld, is toch van betrekkelijk jongen datum.

Wat zegt Tatianus nu omtrent de vierde van die godsdienstige grondgedachten, die wij uit de gedachtenwereld van het Oriëntalisme naar voren brachten, n.1. het werkeloos blijven der opperste godheid en de activiteit der middelwezens ?

„De Heer aller dingen x) was als potentialiteit (vttóotaaig) van het heelal, toen de schepping nog niet geschied was, alleen. Aangezien Hij echter al de kracht van zichtbare en onzichtbare dingen bezat, stelde Hijzelf bij zichzelven zich alle dingen voor ') Cap. V: 1 sq.

Sluiten