Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ha'pen zoo dikwijls aan do wilgen? Waarom dan op den Biddag zoo vaak een klacht in plaats van een Psalm des geloofs ?

Is dat „beekje" er dan niet ?

O, wat een schaamte moet ons aangezicht bedekken! Als de Heere ons uit genade met Zijn heil bezocht, en ons leerde drinken uit die „beekjes der rivier" - wat doen we dan nog bij die „gebroken bakken"?

Wat eon afdwaling en ronddwaling!

Maar wie eens! deze wateren der ruste proefde, kan toch op zijn doolpaden geen vrede hebben. En het is de bede: „Gun leven aan mijn ziel, dan looft mijn mond Uw trouwe hulp; stier mij in rechte sporen."

Maar óók leeren wij onze diepe afhankelijkheid kennen, meer en meer. Geen stap kan ik naar die beek van Gods beloften doen, en geen droppel kan ik er uit drinken, tenzij de Heere mij met Zijn Geest geleide. Zóó ontvangt Hij van alles de eere! „De Koning - zegt Sulammith - heeft mij gebracht in de binnenkameren". En hoe dikwijls staat in den korten 23sten Psalm: „Hij"! Daar is een lijdelijkheid des on geloofs, en zij is Godonteerend! Maar daar is ook een lijdelijkheid des g e 1 o o f s, en die is Godverheerlijkend! „Och, mocht ik", — boe menigmaal komt het in de Psalmen voor! „Dan" - hoe telkens treft het ons hart! — „dan ga ik op tot Gods altaren!" Maar aan dat „dan" moet de Heere zelf te pas komen !

Zalig, wie op den Biddag met de gouden kruik des geloofs mag putten en drinken uit deze volle Beek! Ze zingen bij beurte! Maar deze belofte staat er voor allen, die in Zion zijn geboren! Voor de kleinen en de grooten! „De beekjes der rivier zullen verblijden de Stad Gods".

En over het Nieuwe Jeruzalem ruischt de zalige Profetie: „Al Mijn Fonteinen zullen binnen u zijn."

Iedere teug, hier uit genade uit Zions beekskens gedronken, roept het ons toe: „Daar-Boven meer! Daar-Boven verzadiging van vreugde en liefelijkheden aan Gods Rechterhand, eeuwiglijk!"

D&ar geen Biddag meer, volk des Heeren! maar eeuwig Dankdag ! En dan zal de Drieënige God het Begin, Midden en Einde van uw danklied zijn ! A m e n.

Sluiten