Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

volkeren. Dat beest heeft veel overeenkomst met den draak, den duivel, want het heeft evenals de draak zeven hoofden en tien hoornen. Op de tien hoornen draagt het tien koninklfjke hoeden. Dit beest heeft dus evenals de draak een volheid van macht. Zijn overeenkomst met den draak bewijst zijn satanisch karakter. Dat het zijne koninklijke liceden op de hoornen en niet op de hoofden draagt, wil waarschijnlijk zeggen, dat Satan door den antichrist niet persoonlijk op den voorgrond treedt, maar dat hij in hem de booze machten zal concentreeren. Die machten zullen .Godslasterlijk zijn, want de namen van Godslastering staan op de hoeden geschreven. Die machten zijn vreeselijk. Dat blijkt duidelijk uit de gedaante van het beest. Als een pardel, een tijgerachtig dier is het bloeddorstig en sluw. Gemakkelijk bespringt het zijn prooi. Als een beer kan het vlug loopen en behendig klimmen. Als een leeuw zal het schrik aanjagen, 't Komt uit het water op en gaat naar het land. 't Is dus zoowel in het water als op het land thuis. Schijnbaar is er dus geene ontkoming aan zijne macht. Wel wordt een van zijne hoofden doodelijk gewond, zoodat zijn macht gebroken schijnt. Vermoedelijk wordt hier bedoeld, dat Satan het sterven en de opstanding van Christus heeft willen nabootsen. 1) Zeker is het, dat de geheele aarde zich over het beest verwondert.2) 't Beest weet volle bewondering te verwekken, 't Wordt aangebeden over de geheele aarde, hoewel het op de meest vreeselijke wijze God lastert.

Opmerkelijk is dat we lezen : en de draak gaf hem zijn kracht en zijnen troon en groote macht.3) Al de macht ontleent het beest dus aan den draak. De draak heeft hierdoor ten volle over het beest te beschikken. Dat we hier te denken hebben aan de incarnatie der satanische macht is heel goed mogelijk. Paulus schrijft aan de gemeente te Thessalonica : dat gij niet haastelijk bewogen wordt van verstand, of verschrikt, noch door geest, noch door woord, noch door zendbrief, als van ons geschreven , alsof de dag van Christus aanstaande ware. Dat u niemand verleide op eenigerlei wijze; want die komt niet, tenzij dat eerst de afval gekomen zij en dat geopenbaard zij de mensch der zonde, de zoon des verderfs, die zich tegen-

1) Openb. 13 : 12.

2) Openb. 13 : 3.

3) Idem 13 : 2.

Sluiten