Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

loofs genieten. Zoo weet de Heilige Geest de Kerk te bearbeiden tot verheerlijking van God.

Ook dit werk tracht Satan na te bootsen. We vinden in de Heilige Schrift ook de derde persoon der zoogenaamde satanische drieëenheid geteekend. We lezen van een ander beest, dat uit de arde opkomt. 1) De werking van dit beest is dus aardsch in tegenstelling van hemelsch; het staat onder de macht der hel. Dit beest is aan al het hoogere gespeendv Geleidelijk zal de macht van dit satanische wezen openbaar worden, gelijk het gewas des velds geleidelijk opwast. Hierin zal het dus de werking des Heiligen Geestes in Zijn geleidelijke werking nabootsen. De macht van het beest moge groot wezen, de macht des Geestes is almacht, 't Beest heeft slechts twee hoornen en zeven is het getal der volmaaktheid. De hoornen zijn lamshoornen, wat zeggen wil dat het beest in den Geest \an Christus wil optreden. Zijn taal maakt het openbaar. Het spreekt als de draak, 't Sist als de slang. Zoo deed de duivel reeds in het paradijs. Zoo doet hij nog. Schijnbaar is zijn spreken zacht als olie. Schijnbaar is het lieflijk. Maar 't is een verleidelijk spreken, een spreken uit de hel. De inhoud van het woord is vergiftigend, geinspireerd door den duivel. Evenals Gods Geest bidders maakt, weet ook dit beest dit te doen. Het weet de inwoners der aarde te doen knielen voor het eerste beest, wiens doodelijke wonde genezen is. Om zijn woord kracht bij te zetten, doet het groote teekenen. Het doet vuur van den hemel afkomen. Het wil dus het Pinkstervuur nabootsen. Geestdrift en bezieling wil het onder de aanbidders verwekken. Toch is zijn werking duivelsch. Hij weet de inwoners der aarde door zijn groote teekenen te verleiden om een beeld te maken voor het eerste beest. Dan ontvangt het macht om het beeld leven te geven, een nabootsing dus van de levendmakende werking des Heiligen Geestes. De groote gemeenschap des ongeloofs schaart zich dus om het beeld en knielt voor het beest, voor den antichrist. In die gemeenschap zijn armen en rijken, kleinen en grooten opgenomen. Een ieder ontvangt een kenteeken. En wie dit merkteeken niet draagt, wordt uitgeworpen en als het kan gedood.

Zoo hebben we u dan des Satans nabootsing der Drieëenheid naar de schrift, kort geschetst. Het duivelsche

1) Openb. 13 : 11—18.

Sluiten