Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

inwendige leven van den vromen mensch1). Dkt was voor hem beslissend. En dan mocht in de tweede plaats de Schrift komen om dit alles te bevestigen, voorzooverre zij dit kon, en voor het overige werd de Schrift eenvoudig van haar volstrekt gezag beroofd. Natuurlijk kwam dit ten slotte neer op de algeheele verheffing van den vromen, religieusen mensch boven Gods Woord, dus op een zuiver subjectivisme.

Eigenlijk was dit het standpunt der oude Wederdoopers, die ook het „inwendige Woord" plaatsten naast Gods "Woord en daardoor dat Woord hoe langer hoe meer verdrongen om ten slotte in allerlei geestdrijverij te vervallen, hetzelfde standpunt, dat helaas ook door een groot deel der „ethischen" wordt ingenomen. Prof. Valeton heeft immers uitdrukkelijk als het ethische beginsel aangegeven de leuze: „door het leven tot de leer"2),

„de praktijk der godzaligheid", die met de leerheiligheid tegelijk de Reformatorische beginselen op den achtergrond heeft geschoven."

Rechtvaardigmaking en heiligmaking, het religieuse en ethische beginsel, moeten wel onderscheiden, maar niet gescheiden worden. De scheiding brengt altijd een onschriftuurlijke scheiding van leer en leven mede en daardoor allerlei ongezonde, piëtistische reacties. Daarom hebben ook de Luthersche en de Gereformeerde Kerk van elkander voortdurend te leeren; de eerste neigt tot het lijdelijke, passieve (overdrijving van het religieuse moment) de tweede tot het wettische (overdrijving van het ethische moment). Zie een treffende karakteristiek van beide kerken in E. Troeltsch, Die sociallehren der Christlichen Kirchen und Gruppen. Troeltsch weet, in onderscheiding van de meeste Duitsche schrijvers, ook aan de Gereformeerde Kerk recht te doen ; hij noemt haar „die Kirche des Heroismus".

1) Zie Glaubenslehre, Th. I, Kap. II, § 29: ,,Wir werden den Umfang der christlichen Lehre erschöpfen, wenn wir die Thatsachen des frommen Selbstbewustseins betrachten, zuerst so wie der in dem Begriff der Erlösung ausgedrückte Gegensatz sie schon voraussetzt, dann aber auch so wie sie durch denselben bestimmt sind." Vg. ook over dit beginsel der ethische theologie de belangrijke studie van Dr. A. G. Honig „Ethisch" of Gereformeerd? Utrecht Ruys 1914.

2) Dr. J. J. P. Valeton, Ethisch, Nijmegen 1904, bl. 10: „Men heeft de tegenstelling tusschen de ethische richting en de orthodoxie wel eens aldus gekarakteriseerd, dat het de eerste te doen is om het leven, de tweede — en dit te sterker naar mate zij meer den kant van het confessionalisme

Sluiten