Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

er sluimeren vele gaven in de zielen der menschen, die nooit, althans niet in dit leven, tot ontwikkeling komen. Maar vooral geldt dit van die bevoorrechten, die wij met den naam van genieën aanduiden, en die meer dan anderen van genade leven. Zeker, het genie sluit studie en inspanning niet uit; er ligt waarheid in het: luck is pluck, no inspiration without transpiration. Maar opmerkelijk is toch, dat zij zeiven de eersten zijn, om het beste en schoonste, dat zij voortbrengen, eene gave te noemen en aan inspiratie toe te schrijven. Denken en dichten, poëzie en philosophie zijn daarom nauw verwant; het bewuste en het onbewuste werken in iederen mensch, maar bovenal in eiken kunstenaar op onbegrijpelijke wijze saam.l) ;

Hieraan dient ook nog toegevoegd te worden, dat elk mensch bij het opwassen zich op allerlei wijze gebonden gevoelt,2) niet alleen uitwendig door zijne omgeving, maar ook inwendig door de wetten, die aan zijne natuur en aan al hare werkzaamheden zijn gesteld. Hij kan niet waarnemen, gevoelen, denken, willen, gelijk hij misschien zou willen. Er zijn aanschouwingsvormen en categorieën, er zijn normen en regelen, waaraan de mensch bij al zijn doen gebonden blijft; er zijn logische, ethische, aesthetische wetten, waarvan hij zich niet vrijmaken kan, die a priori voor hem vaststaan, en die in het leven zelf allengs tot openbaring komen. Volgens de evolutieleer

*) Over het genie: Myers, Human Personality, blz. 55 v., Hartmann, t. a. p. I '238 v. J. Bona Meyer. Probleme der Lebensweisheit 1887, blz. 85—121. Brummelkamp, Het genie eene scheppingsgave. Leiden 1901. Vooral werd het genie tot voorwerp van studie gemaakt, sedert Lombroso genie en waanzin met elkander in verband bracht.

2) De invloed, dien de massa op ieder individueel uitoefent, werd behandeld door Le Bon, Psychologie des foules. Verg. ook Sighele, De menigte als misdadigster, vertaald door Anna Polak. Maatschappij voor goede en goedkoope lectuur, Amsterdam.

Sluiten