Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Terwijl zij voorts aan de eene zijde de tabula-rasa-theorie verwerpt, is zij aan de andere zijde een terugkeer tot de leer van de vermogens (potentiae) en hebbelijkheden (habitus) der ziel, hetgeen o.a. voor de opvoeding van groote beteekenis is.

Al verder stelt zij in het licht, dat de ziel niet louter als een ens, maar tevens als een agens moet opgevat worden, en dat dus zoowel de categorie der actualiteit als die der substantialiteit op haar toepasselijk is.

Ofschoon echter allerlei toestanden en werkingen in het zieleleven onbewust zijn, is het toch niet wenschelijk, daarvoor eene bijzondere leer van het onbewuste op te stellen, wijl de ziel met hare potentiae en habitus zakelijk hetzelfde op meer eenvoudige wijze leert, en de term van het onbewuste, zonder iets te verklaren, zelf weer verklaring behoeft.

Ook verdient het geene aanbeveling, om den term van het onbewuste toe te passen op de hersenprocessen (unconscious cerebration, het physiologisch onbewuste), wijl deze niet liggen op het gebied der psychologie, maar op dat van de physiologie.

Evenmin verdient het goedkeuring, om van onbewuste voorstellingen, Gefiihle en wilsacten te spreken, omdat deze verschijnselen steeds eenig bewustzijn insluiten.

Het onbewuste (half-, zwakbew uste, dubbelbewuste) is de naam voor die belangrijke groep van zielsverschijnselen, welke wel buiten het centrum van het bewustzijn (buiten het bemerken en de opmerkzaamheid) liggen, maar toch niet ganschelijk daarbuiten vallen. Ofschoon de grens tusschen dit zwak-bewuste en het volstrekt-onbewuste dikwerf moeilijk te trekken valt, levert de hierbedoelde groep van verschijnselen geen genoegzamen grond om daarop eene leer van het onbewuste te bouwen.

Toch bewijst dit onderbewuste goede diensten bij de

Sluiten